|
Nu ook in een
boekje verkrijgbaar
De Doop...welke
is voor mij?
Welke is het en wat betekent het.
De reis van de doop met water naar de doop door de Geest in
het boek Handelingen
door
Jan Stelma
Als er één ding is wat de christenen vandaag verdeelt dan is het wel de
kwestie van de doop. De één zegt dat men als kind gedoopt moet worden door
besprenkeling, de ander leert dat men pas gedoopt moet worden nadat men bewust
tot geloof gekomen is en dan wel door onderdompeling.
Dan is er verschil van mening over de formule die gebruikt dient te worden.
Is het de formule "in de naam van Jezus Christus" zoals in Hand.2:38 of
is het de formule "in den Naam des Vaders, en des Zoons, en des Heiligen
Geestes" zoals in Matt. 28:19?
En dan kan het gebeuren (en dat gebeurt ook) dat als men naar een andere kerk
gaat dat men opnieuw gedoopt dient te worden, omdat u volgens de daar geldende
leer van die kerk niet met de juiste formule gedoopt bent, of u bent als kind in
plaats van volwassene gedoopt of andersom.
Dus konklusie : u moet "overgedoopt "te worden.
Ja, en wie heeft er nu gelijk? De enige overeenkomst die men met elkaar
heeft, is dat men allemaal nat wordt. De doop is in alle gevallen met water.
En het is niet zo dat men dit allemaal uit de duim zuigt. Integendeel, men
baseert zich allemaal op de Bijbel.
En dat maakt het dus zo moeilijk voor iedereen om erachter te komen wat nu de
ware doop is. Er kan er maar één gelijk hebben. En wie is dat?
Vooral als Paulus tegen ons in 1 Kor.1:17 zegt dat hij niet gezonden is om te
dopen:
"Want Christus heeft mij niet gezonden , om te dopen,
maar om het Evangelie te verkondigen; niet met wijsheid van woorden, opdat het
kruis van Christus niet verijdeld worde"
En in Efeze 4:3-6 zegt hij dat er maar één doop is waarin wij de eenheid van
de Geest hebben:
"U benaarstigende te behouden de enigheid des Geestes
door den band des vredes.
Eén lichaam is het, en één Geest, gelijkerwijs gij ook geroepen zijt tot één
hoop uwer roeping;
Eén Heere, één geloof, één
doop ,
Eén God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en door allen , en in u
allen"
Ja, welke doop is dat dan? Omdat 99% van de de christelijke wereld gelooft
dat de kerk begonnen is met Pinksteren willen wij ons in deze studie
concentreren op het boek Handelingen waarin dit plaats heeft gevonden.
Wat wij moeten weten is dat er in het boek Handelingen 3 verschillende dopen
gepraktiseerd worden:
Doop met water
Doop met de Heilige Geest
Doop door de Heilige Geest
Maar er zijn in de Bijbel nog meer dopen, nl. 7 in totaal (waarvan 5 met
water), waar veel mensen niet van af weten! Omdat het niet de bedoeling van deze
studie is, gaan wij deze niet allemaal behandelen, behalve dan dat ik ze hier
voor u opsom:
1. Waterdoop zoals in Markus 1:4
2. Doodsdoop zoals in Lukas 12:50 en Rom.6:3
3. Vuurdoop zoals in Matt.3:11
4. Geestesdoop zoals in Hand.1:4 met de Geest en
in:
5. 1 Kor.12:13 door de Geest
6. In Mozes zoals in 1 Kor.10:1-4
7. Voor de doden zoals in 1 Kor.15:29
Zoals gezegd zien wij 3 verschillende dopen in het boek Handelingen:
Doop met water
Doop met de Heilige Geest
Doop door de Heilige Geest
1. De doop met water
"Want Johannes doopte wel met water , maar gij zult met
den Heiligen Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen.
Toen is tot hem uitgegaan Jeruzalem en geheel Judea, en het gehele land rondom
de Jordaan;
En werden van hem gedoopt in de Jordaan, belijdende hun zonden."Matt.3:5-6
"En als Hij met hen vergaderd was, beval Hij hun, dat
zij van Jeruzalem niet scheiden zouden, maar verwachten de belofte des Vaders,
die gij, zeide Hij, van Mij gehoord hebt.
Want Johannes doopte wel met water , maar gij zult met den Heiligen Geest
gedoopt worden, niet lang na deze dagen." Hand.1:4-5
Na Zijn opstanding gaf Christus de apostelen de opdracht dat ze moesten
blijven wachten in Jeruzalem, omdat ze dan
met de Heilig Geest gedoopt
zouden worden.
Wij lezen hier dus over 2 dopen: De doop van Johannes en de doop met de
Heilige Geest. Dus de apostelen waren in de Evangeliën alleen gedoopt met water
door Johannes de Doper, maar nog niet met de Heilige Geest. Deze komt pas in
Hand. 2:38 bij het Pinksterfeest.
De benaming van deze doop met
water door Johannes de Doper in de 4 Evangeliën
De doop der bekering tot vergeving der zonden:
"Johannes was dopende in
de woestijn, en predikende den doop der bekering tot vergeving der
zonden"Mark.1:4
"En hij kwam in al het omliggende land der Jordaan,
predikende den doop der bekering tot vergeving der zonden"Lukas
3:3.
Door deze doop verkreeg Israel vergeving van hun
nationale zonden, dwz dat ze zich afgekeerd hadden van God en Zijn
wetten niet hadden gehoorzaamd.
De betekenis van de doop van
Johannes de Doper in de 4 Evangeliën :
"Er rees dan een vraag van enigen uit de discipelen van
Johannes met de Joden over de reiniging."
Joh.3:25
" En nu, wat vertoeft gij? Sta op , en laat u dopen, en
uw zonden afwassen, aanroepende den
Naam des Heeren." Hand.22:16
Het water was een uiterlijk symbool van een reiniging die van
binnen plaats had gevonden, nl. de vergeving van zonden. Voor Israel was het een
zichbaar teken van een geestelijke waarheid van God. Tekenen hoorden bij het
volk Israel. Ze keken er altijd naar als een bevestiging van God
"Wij zien onze tekenen niet; er is geen profeet meer,
noch iemand bij ons, die weet, hoe lang." Psalm 74:9
Zien ze geen teken, dan geloven ze ook niet. Denk bijv. aan Thomas die ook de
tekenen in Christus’lichaam wilde zien voordat hij het zou geloven:
"En Thomas, een van de twaalven, gezegd Didymus, was
met hen niet, toen Jezus daar kwam.
De andere discipelen dan zeiden tot hem: Wij hebben den Heere gezien. Doch hij
zeide tot hen: Indien ik in Zijn handen niet zie het
teken der
nagelen, en mijn vinger steke in het teken der nagelen, en steke mijn hand in
Zijn zijde, ik zal geenszins geloven." Joh. 20:24-25
"Overmits de Joden een teken begeren , en de Grieken
wijsheid zoeken" 1 Kor.1:22
De doop was een Oud Testamentische wettische inzetting:
"Bestaande alleen in spijzen, en dranken, en
verscheidene wassingen en
rechtvaardigmakingen des vleses, tot op den tijd der verbetering opgelegd"
Heb.9:10
In het OT waren er verschillende dopen, ook wel wassingen genaamd. Eén
doop hiervan was de wassing van de hogepriester bij zijn inwijding :
"Alsdan zult gij Aaron en zijn zonen doen naderen aan
de deur van de tent der samenkomst ; en gij zult hen met water wassen." Ex.29:4
"En gij zult de zalfolie nemen, en op zijn hoofd
gieten; alzo zult gij hem zalven" Ex.29:7
Zoals de hogepriester werd ingewijd door wassen met water en zalving met
olie, zo ook Christus als de ware Hogepriester wat het begin van Zijn bediening
inluidde:
"Toen kwam Jezus van
Galilea naar de Jordaan, tot Johannes, om van hem gedoopt te worden.
Doch Johannes weigerde Hem zeer , zeggende: Mij is nodig van U gedoopt te
worden, en komt Gij tot mij?
Maar Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Laat nu af; want aldus betaamt ons alle
gerechtigheid te vervullen. Toen liet hij van Hem af
En Jezus, gedoopt zijnde, is terstond opgeklommen uit het water; en ziet , de
hemelen werden Hem geopend, en hij zag den Geest Gods nederdalen , gelijk een
duive, en op Hem komen " Matt.3:13-16
Christus identificeerde Zich met het zondige geslacht Israel door Zich ook
net als hun te laten dopen door Johannes, echter Hij hoefde geen zonden te
belijden, want Hij was en zou ook nooit ongehoorzaam zijn aan de Vader. Tevens
kwam de Heilige Geest op Hem. Paulus wist wat dat betekende en zei het als
volgt:
"Belangende Jezus van Nazareth, hoe Hem God
gezalfd heeft met den Heiligen Geest en met
kracht; Welke het land doorgegaan is, goeddoende, en genezende allen, die van
den duivel overweldigd waren; want God was met Hem" Hand. 10.38
Dus toen de Heilige Geest op Hem kwam was dat de zalving die hoorde bij de
inwijding van de hogepriester, zoals dat in het OT was.
En Christus was ook onder de wet toen Hij in Israel op aarde geboren werd tot
en met de dag dat Hij gekruisigd werd en Hij heeft die wet niet eenmaal
overtreden, maar in alles vervuld :
"Meent niet, dat Ik gekomen ben , om de wet of de
profeten te ontbinden ; Ik ben niet gekomen, om die te ontbinden , maar te
vervullen" Matt.5:17
"Maar wanneer de volheid des tijds gekomen is, heeft
God Zijn Zoon uitgezonden, geworden uit een vrouw , geworden onder
de wet" Gal.4:4
Behalve Christus heeft Israel zich ook laten dopen (behalve de leiders,
Luk.7:30). En dat had een reden, meer dan alleen de vergeving van zonden. Het
had alles met hun roeping te maken. God heeft hun namelijk uitverkoren om als
een volk van priesters de wereld (de heidenen) de zegening te brengen. Zij
moesten het heil naar hun brengen, het eeuwige leven.
"Nu dan, indien gij naarstiglijk Mijner stem zult
gehoorzamen, en Mijn verbond houden, zo zult gij Mijn eigendom zijn uit alle
volken, want de ganse aarde is Mijn;
En gij zult Mij een priesterlijk koninkrijk , en een
heilig volk zijn. Dit zijn de woorden, die gij tot de kinderen Israels spreken
zult." Ex.19:4-5
"En Mozes deed Aaron en zijn zonen naderen, en wies hen met dat water"
Lev.8:6
"Doch gijlieden zult priesters
des HEEREN heten, men zal u dienaren onzes Gods noemen; gij zult het vermogen
der heidenen eten, en in hun heerlijkheid zult gij u roemen" Jes.61:6
Christus was de toekomende Hogepriester en Zijn volk was bestemd een volk van
priesters te zijn die de deugden van God aan de heiden zouden gaan vertellen.
Zij zullen degenen zijn die tussen God en de mens staat, zoals ook vroeger de
priesters in de tabernakel en tempel. Alleen toen waren het alleen de Levieten.
Het volk Israel heeft toen gezien wat de priesterdienst inhield en zo hebben
ze het geleerd om het later zelf als het hele volk deze dienst voor de gehele
wereld te gaan vervullen.
"Maar gij (Israel!-JS)
zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk
priesterdom, een heilig volk, een verkregen
volk; opdat gij zoudt verkondigen de deugden Desgenen, Die u uit de duisternis
geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht" 1 Pet.2:9
Israel een Koninkrijk van priesters. Allemaal dus. En daarom werden ze
gedoopt ter inwijding van dit ambt van priesterschap.
Echter de zalving met olie hoorde daar ook bij. We hebben gezien dat deze
zalving met olie zijn vervulling heeft in de Heilige Geest Die op Christus kwam.
Israel ontving deze nog niet bij de doop van Johannes, maar later pas, omdat
deze pas kon komen nadat Christus zou zijn gestorven , begraven , opgestaan en
opgevaren naar de hemel :
"Doch Ik zeg u de waarheid: Het is u nut, dat Ik wegga
; want indien Ik niet wegga, zo zal de Trooster tot u niet komen;
maar indien Ik heenga, zo zal Ik Hem tot u zenden"
Joh.16:7
En dan zijn we waar we deze studie mee begonnen :
"En als Hij met hen
vergaderd was, beval Hij hun, dat zij van Jeruzalem niet scheiden zouden, maar
verwachten de belofte des Vaders, die gij, zeide Hij, van Mij gehoord hebt. Want
Johannes doopte wel met water , maar gij zult met den Heiligen Geest gedoopt
worden, niet lang na deze dagen." Hand.1:4-5
50 dagen na Zijn kruisiging, 10 dagen na Zijn hemelvaart kwam de beloofde
Heilige Geest en dan zouden ze volledig ingewijd zijn als priester :
"En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk
van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus , tot vergeving der zonden;
en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen." Hand.2:38
"Maar wacht even!" zult u zeggen, waarom opnieuw dopen? Ze hebben
die doop met water toch al ontvangen? Ja, inderdaad, maar wat is er na de doop
van Johannes gebeurd?
Ze hebben de Here der Heerlijkheid gekruisigd.
De lang verwachte Messias, daarvan eisten zij
"Kruisigt Hem!"
Gelukkig zei Christus aan het kruis :
"En Jezus zeide: Vader, vergeef het hun; want zij weten
niet, wat zij doen" Luk.23:34
Dat was eerst nodig. Vergeving van deze misdaad en dát bood God via Petrus
aan dat zij zich zouden laten dopen in de naam van Jezus Christus om vergeving
van deze daad te krijgen.
En aangezien de Vader het gebed van Zijn Zoon altijd verhoort, bood Hij die
vergeving aan tijdens Pinksteren door de waterdoop.
Bij Joh. de Doper werden ze niet in de naam van Christus gedoopt, want
Christus was toen niet gestorven en daarvan hoefden zij toen geen vergeving te
krijgen.
Het is mijn persoonlijke mening dat er in deze doop ook vergeving ivm hun (Israels
als volk) overtreding van de wetten Gods werd aangeboden zoals Joh. de Doper dat
deed. Namelijk voor die Joden die deze doop nog niet hadden ontvangen, bijv. al
die Joden in het buitenland. Op het Pinksterfeest waren die namelijk volop
aanwezig:
"En hoe horen wij hen een iegelijk in onze eigen taal,
in welke wij geboren zijn?
Parthers, en Meders, en Elamieten, en die inwoners zijn van Mesopotamie, en
Judea, en Cappadocie, Pontus en Azie.
En Frygie, en Pamfylie, Egypte, en de delen van Libye, hetwelk bij Cyrene ligt,
en uitlandse Romeinen, beiden Joden en Jodengenoten;
Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze talen de grote werken Gods
spreken" Hand. 2:8-11
Inhoudelijk was de doop van Johannes niet veel anders dan die van Petrus.
Dus zowel de doop van Johannes als de doop van Petrus was nodig om een priester
te worden.
Dit alles was reeds voorspeld door Ezechiel in hoofdstuk 36:25-27
"Dan zal Ik rein water op u sprengen , en gij zult rein
worden; van al uw onreinigheden en van al uw drekgoden zal Ik u reinigen.
En Ik zal u een nieuw hart geven, en zal een nieuwen geest geven in het
binnenste van u; en Ik zal het stenen hart uit uw vlees wegnemen, en zal u een
vlesen hart geven.
En Ik zal Mijn Geest geven in het binnenste van u; en Ik zal maken, dat gij in
Mijn inzettingen zult wandelen, en Mijn rechten zult bewaren en doen"
En zo komen wij bij de tweede doop uit, namelijk:
2. De doop met
de Heilige Geest
Wat belangrijk is om te zien is dat de Joden op Pinksteren dus twee keer
gedoopt werden, namelijk met water en met de Heilige Geest.
En degenen die al door Johannes de Doper waren gedoopt, waren op die
Pinksterdag dus 3 keer gedoopt!!!
"Want Johannes doopte wel met water , maar gij zult
met den
Heiligen Geest gedoopt worden, niet lang na deze dagen
Zij dan, die samengekomen waren, vraagden Hem, zeggende: Heere, zult Gij in
dezen tijd aan Israel het Koninkrijk wederoprichten?
En Hij zeide tot hen: Het komt u niet toe, te weten de tijden of gelegenheden,
die de Vader in Zijn eigen macht gesteld heeft;
Maar gij zult ontvangen de kracht des Heiligen Geestes, Die over u komen zal ;
en gij zult Mijn getuigen zijn, zo te Jeruzalem, als in geheel Judea en Samaria,
en tot aan het uiterste der aarde" Hand. 1:5-7
Het ontvangen van de Heilige Geest noemde Christus de doop met
de Heilige Geest. En zoals Christus al in Joh.16:7 al zei dat Hij de Heilige
Geest zou zenden:
"Doch Ik zeg u de waarheid: Het is u nut, dat Ik
wegga ; want indien Ik niet wegga, zo zal de Trooster tot u niet komen;
maar indien Ik heenga, zo zal Ik Hem tot u
zenden" Joh.16:7
zo bevestigt Petrus dat door de Heilige Geest dat Jezus Christus is Die hun
met de Heilige Geest doopte, zoals Christus had gezegd in
Hand.1:7:
"Want Johannes doopte
wel met water , maar gij zult met
den Heiligen Geest gedoopt
worden, niet lang na deze dagen"
Christus is hier nu de Doper, maar dan mét de Heilige Geest:
"Hij dan, door de rechter hand Gods
verhoogd zijnde, en de belofte des Heiligen Geestes, ontvangen hebbende van den
Vader, heeft dit uitgestort, dat gij nu ziet en hoort"
Hand.2:34
Israel kon er niet om heen. Ze zagen en hoorden
het. Dat waren de tekenen die bij het volk Israel hoorden, als bewijs dat God
met hun bezig was :
"Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn , zal
zalig worden; maar die niet zal geloofd hebben, zal verdoemd worden.
En degenen, die geloofd zullen hebben, zullen deze tekenen volgen:
in Mijn Naam zullen zij duivelen uitwerpen ; met nieuwe tongen
zullen zij spreken .
Slangen zullen zij opnemen; en al is het, dat zij iets dodelijks zullen drinken,
dat zal hun niet schaden; op kranken zullen zij de handen leggen,
en zij zullen gezond worden.
De Heere dan, nadat Hij tot hen gesproken had, is opgenomen in den hemel, en is
gezeten aan de rechter hand Gods.
En zij, uitgegaan zijnde, predikten overal, en de Heere wrocht mede,
en bevestigde het Woord door tekenen
, die daarop volgden. Amen." Markus 16:16-20
Teken waren te zien en te horen. Ze hoorden talen (= tongen)
"Die dan zijn woord gaarne aannamen , werden gedoopt;
en er werden op dien dag tot hen toegedaan omtrent drie duizend zielen.
En een vreze kwam over alle ziel ; en vele wonderen en tekenen geschiedden door
de apostelen" Hand.4:41,43
"En door de handen der apostelen geschiedden vele tekenen en wonderen onder
het volk; en zij waren allen eendrachtelijk in het voorhof van Salomo" Hand.5:12
"Overmits de Joden een teken begeren , en de Grieken
wijsheid zoeken" 1 Kor.1:22
Geheel in overeenstemming met wat Markus zegt in 16:20 bevestigde God dit
alles door tekenen en wonderen. Het was alles in de wil van God.
"En van hen werden gezien verdeelde tongen als van
vuur, en het zat op
een iegelijk van hen"
En het zal zijn in de laatste dagen, (zegt God)
Ik zal uitstorten van Mijn Geest op
alle vlees; en uw zonen en uw dochters
zullen profeteren, en uw jongelingen zullen gezichten zien, en uw ouden zullen
dromen dromen.
En ook op Mijn
dienstknechten, en op Mijn dienstmaagden, zal Ik in die dagen van Mijn Geest
uitstorten , en zij zullen profeteren" Hand. 2:3,17-18
De Heilige Geest was ook op hun en op
iédereen!
I.t.t. in het O.T. , waarin slechts enkelen de Heilige Geest
ontvingen, nl. alleen diegenen die in een speciale dienst van God waren zoals
bijv. David (Ps.51:11) en de timmerlieden voor de bouw van de tabernakel
(Ex.31:3).
Welnu, dit alles : de doop met water, het ontvangen van de Heilige Geest voor
en op iédereen die geloofde uit het volk Israel was eeuwen daarvoor reeds
voorzegd dat dat gebeuren zou in Ezechiel 36:26-27 :
"Want Ik zal u uit de heidenen halen , en zal u uit al
de landen vergaderen ; en Ik zal u in uw land brengen.
Dan zal Ik rein water op u sprengen , en gij zult
rein worden; van al uw onreinigheden en van al uw drekgoden zal Ik u reinigen.
En Ik zal u een nieuw hart geven, en zal een nieuwen geest geven in het
binnenste van u; en Ik zal het stenen hart uit uw vlees wegnemen, en zal
u een vlesen hart geven.
En Ik zal Mijn Geest geven in het binnenste
van u; en Ik zal maken, dat gij in Mijn inzettingen zult wandelen, en Mijn
rechten zult bewaren en doen"
Dus de doop met water en met de Heilige Geest op Pinksteren is een Oud
Testamentische vervulling wat alleen aan het volk Israel beloofd was en
niét aan de heidenen.
Pinksteren was een Joods feest en er waren alleen Joden aanwezig en
jodengenoten, dus heidenen die het Joodse geloof hadden aangenomen en dus ook
onder alle wetten van Mozes vielen. Maar dat waren er niet veel. En tot die
Joden richt Petrus zijn toespraak (Hand.2:5;10;14;22;35) en zij werden gedoopt.
Dus de kerk, zo als dat overal wel geleerd wordt, heeft hier geen enkele
plaats en heeft hier niets te zoeken, aangezien deze beloftes niet aan hun
beloofd zijn, maar aan Israel.
De doop mét de Heilige Geest gaat dus samen met de
waterdoop!!
Petrus zei het heel duidelijk dat als ze zich bekeerden en zich lieten dopen
, voor wat?
Jawel, de vergeving der zonden - dat ze dan de
Heilige Geest zouden ontvangen. Het enige verschil tussen de doop van Johannes
de Doper en Petrus is dat bij Petrus de Heilige Geest werd uitgestort.
Maar de voorwaarden voor redding waren precies hetzelfde, nl "Bekeert
u en laat u dopen……....voor de vergeving van zonden" (Hand.2:38;
Mark.1:4)
Deze doop die op het Pinksterfeest gepraktiseerd werd wordt zo’n beetje
wereldwijd de "Christelijke doop" genoemd, maar is dit nu de voorwaarde om
eeuwig leven te krijgen?
Deze doop met water is onlosmakelijk
verbonden met vergeving van zonden én het ontvangen van de Heilige Geest: de
doop mét de Heilige Geest op datzelfde moment!!
Het is ook belangrijk om te zien dat het antwoord op de vraag wat ze moesten
doen nadat Hij hun beschuldigd had van de kruisiging van Christus in Hand.
2:36-37:
"Zo wete dan zekerlijk het ganse huis Israels, dat God
Hem tot een Heere en Christus gemaakt heeft, namelijk dezen Jezus,
Dien gij gekruist hebt
En als zij dit hoorden, werden zij verslagen in het hart, en zeiden tot Petrus
en de andere apostelen: Wat zullen wij doen mannen broeders? "
dat hij dan zegt dat ze zich moeten laten dopen om vergeving van zonden te
krijgen én de Heilige Geest:
En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk van
u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus , tot vergeving der zonden; en
gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen."
Met andere woorden:
Zonder doop met water géén vergeving van
zonden én géén ontvangen van de Heilige
Geest : de doop mét de Heilige Geest!!
Ook de volgorde is belangrijk om te weten, nl.
Doop met water. Dan volgt:
Vergeving van zonden. Dan volgt:
Het ontvangen van de Heilige Geest. Dit is de doop mét de Heilige
Geest
Dus als dit al de christelijke doop zou zijn, dan zou dit ook de volgorde
zijn.
Is dat zo?
We gaan verder met onze studie in Handelingen.
De ontwikkeling van de dopen met water en met de Heilige Geest
in Handelingen
Verder in het boek Handelingen.
Als we verder lezen in Handelingen komen wij bij Hand. 8 bij de Kamerling uit
Morenland die zich laat dopen met water. Wat was de voorwaarde om zich te laten
dopen? Wat moest hij geloven?
"En Filippus deed zijn mond open en beginnende van
diezelfde Schrift, verkondigde hem Jezus.
En alzo zij over weg reisden, kwamen zij aan een zeker water; en de kamerling
zeide: Ziedaar water ; wat verhindert mij gedoopt te worden ?
En Filippus zeide: Indien gij van ganser harte gelooft, zo is het geoorloofd. En
hij, antwoordende, zeide : Ik geloof, dat Jezus Christus de Zoon
van God is.
En hij gebood den wagen stil te houden ; en zij daalden beiden af in het water,
zo Filippus als de kamerling , en hij doopte hem"Hand.8:35-38
Dus geloven dat Jezus Christus de Zoon van God is en dan laten dopen – Is dát
het Evangelie waardoor wij nu zalig worden? Nee, dat is niet het Evangelie voor
ons voor vandaag.
Verder naar Handelingen 9
We gaan verder in Handelingen en dan komen we bij Paulus, de grote vervolger
van de Joodse gemeente, d.w.z. die Joden die zich bekeerd hadden en geloofden
dat Jezus de beloofde Messias was.
Zij hadden zich laten dopen met water en de Heilige Geest ontvangen en werden nu
door Paulus vervolgd. Maar op weg naar Damascus verschijnt Christus aan Paulus
en Paulus wordt een gelovige en volgeling van de Messias.
"En nu, wat vertoeft gij? Sta op , en laat u dopen, en
uw zonden afwassen, aanroepende den Naam des Heeren" Hand.22:16
"En terstond vielen af van zijn ogen gelijk als
schellen, en hij werd terstond wederom ziende; en stond op, en werd gedoopt".
Hand.9:18
Dit is de eerste indicatie in Handelingen dat er wat veranderde betreffende
de doop in Handelingen, want voordat Ananias sprak met Paulus was Paulus reeds
gered op de weg naar Damascus. Die verandering kunnen wij duidelijk zien in
Hand.26:16-17 waar we lezen wat Christus tegen Paulus zei bij zijn bekering, nl.
dat hij gezonden zou worden naar de heidenen en niet naar Israel!!
M.a.w. hij werd daar op de weg naar Damascus geïnstalleerd en bestemd tot een
apostel.: De apostel van de heidenen! (Rom.11:13).
Dus Paulus was niet gedoopt met water toen Christus hem op dat moment tot een
apostel maakte. Dat betekent dat Paulus de vergeving der zonden reeds had én de
Heilige Geest had ontvangen vóórdat hij later door Ananias gedoopt werd.
Een grote verandering, want hiervoor was de vergeving en de Heilige Geest ná
de doop onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Weet u nog? Zonder doop géén vergeving en géén Heilige. Geest.
Hoe kan dat?
Dit is de eerste stap in de Bedeling der Genade (1
Tim.1:15-16; Ef.3:2) die bij de bekering van Paulus begonnen is.
Hier zien we de redding van de grootste vervolger van Christus en. Een
rebelleerder en de grootste der zondaren. Hij haatte Christus! :
"13 Die te voren een gods lasteraar
was , en een vervolger,
en een verdrukker; maar mij is
barmhartigheid geschied, dewijl ik het ontwetende gedaan heb in mijn
ongelovigheid.
15 Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig,
dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren
zalig te maken, van welke ik de voornaamste ben.
16 Maar daarom is mij barmhartigheid geschied , opdat Jezus Christus in mij ,
die de voornaamste ben, al Zijn lankmoedigheid zou betonen, tot een voorbeeld
dergenen, die in Hem geloven zullen ten eeuwigen leven " 1 Tim.1 13,15,16
Deze roeping van een andere apostel, apart van de twaalf, voor de
heidenen, is de eerste afscheiding van het profetische programma, wat tot aan de
bekering van Paulus nog steeds in werking was.
We zijn hier getuige van een nieuw programma van God wat bij Paulus’ bekering
geleidelijk – maar tijdelijk! – het profetische
programma gaat vervangen door het programma van God wat nog niet eerder bekend,
maar verborgen was geweest, nl. de Verborgenheid (zie Kol.1:25-27).
Belangrijk is dat u goed begrijpt dat het
geleidelijk en niet in één klap gebeurt!
Nog verder naar Handelingen 10
We gaan weer verder in Handelingen en dan komen wij bij de bekering van
Cornelius en zijn huis.
Dit is een verdere ontwikkeling in de verandering betreffende de waterdoop
van het geopenbaarde profetische plan van God naar het
verborgen plan van Zijn Genade.
Petrus wordt in Handelingen 10 naar Cornelius gestuurd.
God maakt in een visioen duidelijk dat hij naar Cornelius-
een heiden !- moet gaan.
3 keer laat God onreine dieren zien aan Petrus en vraagt hem het op te eten,
waarop Petrus direkt antwoordt met nee.
Dat is niet brutaal van Petrus, maar geheel volgens de wet. Later begrijpt
Petrus dat God hiermee laat zien dat hij naar Cornelius -die een heiden was
(vandaar het onreine eten)- moet gaan.
Hoewel hij het niet begrijpt, omdat het tegen het programma van God ingaat.
Eerst moesten ze beginnen te Jeruzalem, dan Judea, dan Samaria en dan als
laatste pas naar de heidenen.
"En in Zijn Naam gepredikt worden bekering en vergeving
der zonden, onder alle volken, beginnende van Jeruzalem"
Luk.24:47
"Maar gij zult ontvangen de kracht des Heiligen Geestes,
Die over u komen zal ; en gij zult Mijn getuigen zijn, zo te Jeruzalem,
als in geheel Judea en Samaria, en tot aan het uiterste
der aarde" Han.1:8
"God, opgewekt hebbende Zijn Kind Jezus, heeft
Denzelven eerst tot u gezonden
(Israel!-JS), dat Hij ulieden zegenen zou, daarin dat
Hij een iegelijk van u afkere van uw
boosheden" Hand.3:26
Welnu, dat was allemaal nog niet gebeurd, dus naar de heidenen gaan dat kon
dus nu nog helemaal niet volgens de zg. "Grote Opdracht"
Maar Petrus gaat en- u moet het verslag in Hand. 10 echt lezen- vertelt hun
over Jezus en Zijn bediening toen Hij op aarde was –zie Hand.10:34-38. Dan
vertelt Petrus dat Christus gekruisigd en opgestaan is en dat hijzelf en de
andere apostelen door Hem zijn uitverkoren en de opdracht ontvangen om van Hem
te getuigen :
"42 En heeft ons geboden den volke
(enkelvoud=Israel) te prediken, en te betuigen, dat Hij is
Degene, Die van God verordend is tot een Rechter van levenden en doden.
43 Dezen geven getuigenis al de profeten , dat een iegelijk, die in Hem gelooft
, vergeving der zonden ontvangen zal door Zijn Naam
44 Als Petrus nog deze woorden sprak , viel de Heilige Geest op allen , die het
Woord hoorden."
Naast het feit dat Petrus afweek van het profetische programma door naar een
heiden te gaan en aan hun vergeving van zonden te gaan aanbieden met de
voorwaarde…. Ja welke? Petrus was nog niet klaar met praten. Want wat wilde hij
gaan zeggen?
Hij wilde gaan zeggen dat wat hij ook op Pinksteren zei tegen Israel, nl.
bekeren, dopen voor vergeving en dan het ontvangen van de Heilige Geest.
Maar juist als hij dit wil gaan zeggen onderbreekt God hem door de Heilige Geest
te doen vallen op een ieder van hen. Het is echter duidelijk dat alleen
gelovigen de Heilige Geest zullen ontvangen en nooit een ongelovige (Rom.8:9).
Dus ze geloofden wat Petrus zei in vers 43 en dat was genoeg voor God om ze de
Heilige Geest te geven en ze te redden.
Hier zien we opnieuw een verdere afscheiding van het profetische programma,
(wat bij de bekering van Paulus begonnen was), want nu
ontvingen óók heidenen de Heilige Geest!
En dan ook nog zonder dat ze met water gedoopt zijn.!!!!
De Joden die met Petrus meegereisd waren konden hun ogen en oren niet
geloven!! Ze waren ontzet:
45 En de gelovigen, die uit de besnijdenis waren,
zovelen als met Petrus gekomen waren , ontzetten zich, dat de gave des Heiligen
Geestes ook op de heidenen uitgestort werd.
46 Want zij hoorden hen spreken met vreemde talen, en God groot maken . Toen
antwoordde Petrus:
47 Kan ook iemand het water weren , dat dezen niet gedoopt zouden worden , welke
den Heiligen Geest ontvangen hebben , gelijk als ook wij?
48 En hij beval, dat zij zouden gedoopt worden in den Naam des Heeren. Toen
baden zij hem, dat hij enige dagen bij hen wilde blijven."
Ja, toen Petrus dát zag liet hij ze dopen, want –hij wist op dat moment niet
beter- dat was nu eenmaal vereist. Dat was nu eenmaal de opdracht die hij en de
apostelen hadden ontvangen van Christus:
"Gaat dan henen, onderwijst al de volken, dezelve
dopende in den Naam des Vaders, en des
Zoons, en des Heiligen Geestes; lerende hen onderhouden alles, wat Ik u geboden
heb" Matt. 28:19.
Maar Petrus begreep het niet en kon het ook niet uitleggen, want het was
absoluut niet in overeenstemming met het profetische plan van God en God had
deze verandering niet aan hem geopenbaard , maar alleen aan Paulus
"Indien gij maar gehoord hebt van de bedeling der
genade Gods, die mij gegeven is aan u;
Dat Hij mij door openbaring heeft bekend gemaakt deze verborgenheid, (gelijk ik
met weinige woorden te voren geschreven heb" Ef.3:2-3.
Heel veel jaren later , zo’n 14-17 jaren, zou deze ervaring Petrus helpen om
Paulus te erkennen als de apostel voor de heidenen, wat we straks in Handelingen
15 zullen zien.
We zien dus dat God stap voor stap Zijn handelen met Israel aan het
verplaatsen is naar de heidenen. Het geprofeteerde programma wordt steeds minder
en het andere programma komt steeds meer naar voren.
Daarbij zien wij dat de uiterlijke zichtbare tekenen in volgorde veranderen.
Maar ook de voorwaarde wat je moet geloven om vergeving van zonden te krijgen
plus de uiterlijke tekenen zien wij, hoe verder wij in Handelingen komen
veranderen, zoals wij bij Paulus’eerste beschreven toespraak in Handelingen 13
zullen zien.
Dus…. op naar Handelingen 13
Als wij in Handelingen 13 zijn aangekomen dan vinden wij Paulus in de
synagoge (vs14). En daar houdt Paulus een toespraak die heel veel lijkt op de
toespraak van Petrus op Pinksteren. Maar let op! Paulus heeft niets van Petrus
aangenomen of geleerd gekregen dan alleen door openbaring van Jezus Christus
rechtstreeks alléén aan hem!!! :
"Maar ik maak u bekend, broeders , dat het Evangelie,
hetwelk van mij verkondigd is, niet is naar den mens.
Want ik heb ook hetzelve niet van een mens ontvangen, noch geleerd , maar door
de openbaring van Jezus Christus" Gal.1:11-12
De toespraken van Petrus en Paulus zijn bijna identiek, echter met één heel
groot verschil, namelijk de aanbieding van hoe men vergeving van zonden te
krijgen.
Petrus zei in Han. 2:38:
"En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk
van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus , tot vergeving der zonden;
en gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen."
Maar Paulus zegt na de vrij gelijkende toespraak iets anders:
"Zo zij u dan bekend, mannen broeders, dat door Dezen u
vergeving der zonden verkondigd wordt;
En dat van alles, waarvan gij niet kondet gerechtvaardigd worden door de wet van
Mozes, door Dezen een iegelijk, die gelooft,
gerechtvaardigd wordt" (Hand. 13:38-39)
Doop wordt helemaal niet meer genoemd! Paulus zegt nu dat ze door
rechtstreeks te geloven in Christus ze vergeving van zonden kunnen krijgen!
Buiten de wet van Mozes om. Hij zegt eigenlijk dat wet van Mozes krachteloos
is en hun niet kon rechtvaardigen. Dat was ongehoord om te horen uit de mond van
een Jood (Paulus), van een Farizeeër (ook Paulus) , maar ook was het ongehoord
voor Israel dat dat gezegd werd over de wet van Mozes. Hun wet!
(Rom.2:14a)
Petrus haalde dat niet in zijn hoofd om dat te zeggen. Dat bewijst zijn
conversatie met God in Hand.10 met het visioen over het onreine eten wel. Petrus
bleef 100% trouw aan de wet van Mozes.
Een verdere ontwikkeling in het nieuwe programma van God wat door Paulus
steeds meer en meer bekend gaat worden.
Maar de Joden willen dit niet horen. Dat kán en mág niet gezegd worden over
de wet en al helemaal niet door een Jood, die ook nog een Farizeeer is en een
zoon van een Farizeer was! (Hand.23:6; Fil.3:5)
Een Farizeeër die, zoals Christus zei, op de stoel van Mozes zat:
"Toen sprak Jezus tot de scharen en tot Zijn
discipelen,
Zeggende: De Schriftgeleerden en de Farizeen zijn gezeten op den stoel van
Mozes;
Daarom, al wat zij u zeggen , dat gij houden zult, houdt dat en doet het; maar
doet niet naar hun werken; want zij zeggen het, en doen het niet" Matt.23:1-3
Maar Paulus weet inmiddels dat, omdat hij dacht zonder de Messias de wet te
volbrengen, dát hem juist naar de hel zou geleid hebben, ware het niet dat God
hem riep op de weg naar Damascus. Steeds meer is hij dit als drek gaan
beschouwen (Fil.3:4-8).
In elke plaats waar Paulus voor de eerste keer kwam tijdens zijn reizen ,
voordat hij gevangengenomen werd in Jeruzalem en naar Rome werd overgebracht
(Hand.22:30 t/m Han.28) is hij eerst naar de synagoge gegaan om de Joden van de
verandering van Gods handelen aan hun bekend te maken.
Zij waren tenslotte de eersten die het moesten weten, wat betekende dat God
dus niet meer op de eerste plaats met Israel bezig was, maar met de heidenen. En
als de Jood niet wil, dan maar zonder de Joden.
En dat is dan ook de reactie van Paulus als ze het niet accepteren:
"En op den volgenden sabbat kwam bijna de gehele stad
samen, om het Woord Gods te horen.
Doch de Joden, de scharen ziende, werden met nijdigheid vervuld, en wederspraken,
hetgeen van Paulus gezegd werd , wedersprekende en lasterende.
Maar Paulus en Barnabas, vrijmoedigheid gebruikende, zeiden: Het was nodig,
dat eerst tot u het Woord Gods gesproken zou worden; doch nademaal gij hetzelve
verstoot, en uzelven des eeuwigen levens niet waardig oordeelt ,
ziet, wij keren ons tot de heidenen"
Hand.13:44-46
Deze uitspraak dat Paulus zegt dat ze zich keren tot de heidenen en de
zaligheid naar de heidenen gezonden is zien wij 3 keer in Handelingen ( 13:46;
18:6; 28:28).
En dat is genoeg bewijs, want een zaak zal bestaan bij God onder twee of drie
getuigen. 1x, 2x, 3x = afgelopen!
Dus de verwijdering van het geprofeteerde programma zoals door Christus en de
12 apostelen verkondigd werd wordt steeds groter en groter.
Want hier zien wij de volgende stap die gezet is:
1. Joden aan wie verteld wordt dat de wet niet werkt, maar dat redding
verkregen wordt door alleen in Christus te geloven
2. Omdat ze niet geloven gaat Gods Woord nu zonder Israel naar
de heidenen. Dit is geheel tegen het profetische programma in (Matt.10:5-7)
3. Redding door geloof alleen wordt nu verkondigd aan iedereen zonder
waterdoop.
M.a.w. de verandering van Gods handelen met Israel en de heidenen wordt door
Paulus overal verkondigd en iedereen kan zonder tussenkomst van Israel zalig
worden.
En dan komen wij in Handelingen 15
Ja, hier komen wij op een belangrijke vergadering te Jeruzalem., waar Paulus
naar toe gegaan is ,omdat er door gelovige Joden rondverteld werd dat je niet
zalig kon worden zonder besneden te zijn (Han.15:1). Dit is een heel belangrijke
gebeurtenis voor de gelovige Joden en de apostelen , en dan vooral voor Petrus
de leider van de 12.
Want hier wordt hun duidelijk dat het beloofde Koninkrijk op aarde voorlopig
uitgesteld is door de tussenkomst van de bediening van Paulus en de Bedeling der
Genade (Ef.3:2).
Niemand van hun die het wist. Ook de grote Petrus niet.
Heel veel jaren nadat Petrus bij Cornelius geweest is (zo’n 14 tot 17 jaar-
Gal.1 :17-18 + 2:1) heeft Paulus het aan Petrus verteld (vergelijk Hand.15 en
Gal.2:1-10) en dan herinnert Petrus zich dat hij 14 tot 17 jaar daarvoor bij de
heiden Cornelius is geweest en de Heilige Geest op hem kwam (lees Hand.15:6-11).
En dan begrijpt Petrus dat God hiermee aan hem had laten zien dat God niet
meer met Israel bezig was, maar naar de heidenen was gegaan. Petrus was nu
overtuigd van Paulus' verslag.
Hij, als Jood, had de benodigde tekenen toen bij
Cornelius gezien (1 Kor.1:22) , hét bewijs dat dat een bevestiging van God was
en dat Paulus een door God geroepen apostel was met een andere boodschap voor de
wereld.
Petrus twijfelde niet langer, hij zag het nu en onmiddellijk ging hij over
tot acceptatie van deze verandering en gaf toen, samen met de twee andere
leiders Jakobus en Johannes, Paulus de hand.
Wat betekent dat hij Paulus erkende
als de apostel der heidenen en daarmee ook dat zijn actieve rol en van de andere
apostelen voor de prediking van het Evangelie van het Koninkrijk (Matt.4:23;
9:35; 24:14) was uitgespeeld.
Alleen het Evangelie der Genade Gods (Hand.20:24) was in werking en niet meer
dat Koninkrijks Evangelie, wat zij vanaf nu aan de Joden, die onder hun
bediening Jezus als de Messias hadden aangenomen, mochten gaan uitleggen:
"Maar daarentegen, als zij zagen, dat aan mij het
Evangelie der voorhuid toebetrouwd was , gelijk aan Petrus dat der besnijdenis ;
En als Jakobus, en Cefas, en Johannes, die geacht waren pilaren te zijn, de
genade, die mij gegeven was , bekenden, gaven zij mij en Barnabas de rechter
hand der gemeenschap, opdat wij tot de heidenen, en zij tot de besnijdenis
zouden gaan" (Gal.2:7,9)
En dan nóg is het voor Petrus moeilijk te verstaan zoals hij later schrijft:
"En acht de lankmoedigheid onzes Heeren voor zaligheid;
gelijkerwijs ook onze geliefde broeder Paulus, naar de wijsheid, die hem gegeven
is, ulieden geschreven heeft;
Gelijk ook in alle zendbrieven, daarin van deze dingen sprekende; in
welke sommige dingen zwaar zijn om te verstaan………" 2 Pet.3:15-16
Ja, en dan horen wij na Handelingen 15 niets meer van Petrus, maar alleen nog
maar van Paulus (alleen nog 1 keer Jakobus in Hand.21:18 en verder)
Na deze conferentie is Paulus weer verder gaan reizen en de gemeenten weer
bezocht die hij voorheen al gesticht had en bracht het verslag over van de
conferentie in Jeruzalem (Hand.16:5-6)
En dan zijn we beland bij de laatste fase in de verdere ontwikkeling van Gods
handelen in de periode dat Handelingen geschreven is.
3. De doop door
de Heilige Geest
Het boek Handelingen dat geschreven is vooral om aan de joden te laten zien
dat Israel gevallen was bij de verwerping van hun Messias en wat het hoogtepunt
bereikte bij de steniging van Stefanus.
Toen stond Christus op om wraak te komen
nemen, maar i.p.v. de toorn redde hij de grootste der zondaren Paulus, want hij
was de leider in de opstand tegen en de verwerping van de Messias.
"Dit is een getrouw woord, en alle aanneming waardig,
dat Christus Jezus in de wereld gekomen is, om de zondaren zalig te maken, van
welke ik de voornaamste ben.
Maar daarom is mij barmhartigheid geschied , opdat Jezus Christus in mij , die
de voornaamste ben, al Zijn lankmoedigheid zou betonen, tot een voorbeeld
dergenen, die in Hem geloven zullen ten eeuwigen leven." 1 Tim.1:15-16
Dit is het keerpunt in Gods handelen en is Hij overgegaan naar
een nieuw programma dat Hij pas aan Paulus bekend maakte.
De doop is daar een essentieel onderdeel van. We moeten echter onder ogen
blijven zien dat God het complete nieuwe programma geleidelijk heeft ingevoerd.
En daarom zien we bij Paulus in het begin nog tekenen en wonderen die nu niet in
het programma van God horen in deze Bedeling der Genade en de boodschap die
Paulus verkondigde.
Die tekenen, die bij Israel hoorden waren nu zichtbaar en hoorbaar bij de
heidenen. Bewust deed God dat om Israel te overtuigen dat Zijn plan met Israel
nu niet meer in werking was én om hun tot jaloersheid te brengen en zó toch nog
enigen uit hen te redden:
"Want ik spreek tot u, heidenen, voor zoveel ik der
heidenen apostel ben; ik maak mijn bediening heerlijk;
Of ik enigszins mijn vlees tot jaloersheid verwekken, en enigen uit hen behouden
mocht" Rom.11:13-14
Zoals wij reeds zagen was doop geen onderdeel meer van vergeving van zonden
en in Han.13:38-39 zagen wij dat Paulus redding aanbood door uitsluitend geloof
in Christus. Doop wordt niet meer genoemd.
Als wij echter verder bladeren in Handelingen zien wij dat door en onder
Paulus’ bediening er nog een aantal malen gedoopt is.
!!! Om het te kunnen begrijpen dienen wij deze passages
altijd te lezen met
Rom.11:13-14 in gedachten !!!!
Het is pas in Hand.16:15 te Filippi waar wij lezen dat bij Paulus’ prediking
iemand met water gedoopt wordt. Vanaf zijn bekering tot hier is Paulus op heel
veel plaatsen geweest, maar nergens lezen wij dat hij doopte.
Bij Lydia gedroeg Paulus zich als een Jood onder de Joden :
"En ik ben den Joden geworden als een Jood, opdat ik de
Joden winnen zou ; dengenen, die onder de wet zijn, ben ik geworden als onder de
wet zijnde, opdat ik degenen, die onder de wet zijn, winnen zou" 1 Kor. 9:20
Ze kwamen te Filippi op de sabbat bij elkaar (Hand. 16:13) aan de rivier. Dat
betekende dat er volgens de Joodse regels niet meer dan 10 joden waren om een
synagoge te hebben en daarom kwamen ze bij de oever van de rivier bij elkaar.
De doop van Lydia gebeurde op een Joodse Sabbat op een
Joodse plaats van gebed en door een Joodse man die een
Jood was voor de Joden.
Daarom doopte Paulus haar met water nádat zij geloofde! Voor
haar was het een teken (1 Kor.1:22) en een bevestiging van God van wat Paulus
haar vertelde. En Paulus had haar verteld wat hij ook in Antiochie had verteld ,
nl.:
"Zo zij u dan bekend, mannen broeders, dat door Dezen u
vergeving der zonden verkondigd wordt;
En dat van alles, waarvan gij niet kondet gerechtvaardigd worden door de wet van
Mozes,
door Dezen een iegelijk, die gelooft, gerechtvaardigd
wordt" (Hand. 13:38-39)
En dat geloofde zij! En in Filippi heeft Paulus nog veel meer tekenen gedaan,
zoals bijv. een waarzeggende geest uitgedreven.
En later toen Paulus gevangen genomen was, kwam er een aardbeving. Hier zien
wij dat de stokbewaarder, een heiden, ook gelovig werd. Hoe?
Zie, lees en geloof:
"En hen buiten gebracht hebbende, zeide hij: Lieve
heren, wat moet ik doen, opdat ik zalig worde?
En zij zeiden: Geloof in den Heere Jezus Christus, en gij zult zalig worden, gij
en uw huis.
En zij spraken tot hem het woord des Heeren, en tot allen, die in
zijn huis waren.
En hij nam hen tot zich in dezelve ure des nachts, en
wies hen van de striemen; en hij werd terstond gedoopt , en al de zijnen.
En hij bracht hen in zijn huis , en zette hun de tafel voor, en verheugde zich,
dat hij met al zijn huis aan God gelovig geworden was. " Han.16:30-34
Ook hier vertelt Paulus hun het Evangelie en het gebeurt allemaal in een
reeks van gebeurtenissen met tekenen en wonderen en onder die omstandigheden
werd de stokbewaarder en zijn gezin gedoopt. Ook weer nadat ze gelovig geworden
zijn door het Evangelie dat Paulus hun vertelde.
In Hand. 18 in Korinthe zien we dat er velen van de Korintiërs gedoopt werden
:
"En vandaar gegaan zijnde, kwam hij in het huis van een
man, met name Justus, die God diende, wiens huis paalde aan de synagoge.
En Crispus, de overste der synagoge, geloofde aan den Heere met geheel zijn
huis ; en velen van de Korinthiers, hem horende , geloofden, en werden
gedoopt" Hand. 18:7-8
De velen hier die gedoopt werden zijn niet de aantallen die wij
misschien denken, want die lezen wij in 1 Kor.1 :
"14 Ik dank God, dat ik niemand van ulieden gedoopt heb, dan Krispus en
Gajus;
15 Opdat niet iemand zegge, dat ik in mijn naam gedoopt heb.
16 Doch ik heb ook het huisgezin van
Stefanus gedoopt; voorts weet ik niet, of ik iemand anders gedoopt heb"
We weten niet hoe groot de huisgezinnen van Crispus, Stefanus en Gajus (Rom.
16:23) waren, hoeveel kinderen per gezin (5,6,7,10?)en misschien vader en moeder
aan beide kanten. De velen is dan misschien 20 tot, ja wie zal het
zeggen, 50 personen?
Belangrijk om te zien in dit geval is, dat het naast de synagoge gebeurde en
zelfs de overste van de synagoge geloofde en werd gedoopt en in 1 Kor.1:1 zien
wij dat nog een leider van de synagoge gelovig werd, nl. Sosthenes.
Dus de Joden in de synagoge zagen ten eerste hun leiders naar de buren
vertrekken waar de gemeente bijeenkwam. Maar tevens hoorden en zagen ze de
tekenen. Het huis paalde naast de synagoge. Dat wil zeggen, ze waren aan elkaar
gebouwd.
En niet met zulke geïsoleerde muren als wij nu misschien hebben. Alhoewel, als
wij bij ons in huis als gemeente bij elkaar komen, kunnen de buren zeer goed
horen wat er bij ons gebeurt.
Dus in die tijd helemaal!
Dus het ging niet ongemerkt aan de synagoge voorbij.
Welnu, hier zien wij Paulus Rom. 11:14 ten volle in uitvoering brengen :
Maak ze jaloers en probeer ze te winnen voor Christus. Als ze de
tekenen zien weten ze dat God nu met de heidenen bezig is en dat ze dat
Evangelie moeten aannemen wat ik, Paulus, verkondig.
Welk Evangelie verkondigde Paulus toen? Welnu, als we zijn brieven gaan lezen
die hij toen schreef kunnen wij daar makkelijk achter komen.
Maar dan gaan eerst nog naar Hand. 19 waar we voor de allerlaatste keer lezen
dat Paulus doopte.
Tenminste….
De " waterdoop"
door Paulus in Handelingen 19, maar helemaal géén doop door hem was.
Deze "doop" is ook stof tot heel veel verwarring onder de gelovigen:
"1 En het geschiedde, terwijl Apollos te Korinthe was,
dat Paulus, de bovenste delen des lands doorreisd hebbende, te Efeze kwam; en
enige discipelen aldaar vindende,
2 Zeide hij tot hen: Hebt gij den Heiligen Geest ontvangen, als gij geloofd
hebt? En zij zeiden tot hem: Wij hebben zelfs niet gehoord, of er een Heiligen
Geest is.
3 En hij zeide tot hen: Waarin zijt gij dan gedoopt? En zij zeiden : In den doop
van Johannes.
4 Maar Paulus zeide: Johannes heeft wel gedoopt den doop der bekering, zeggende
tot het volk, dat zij geloven zouden in Dengene, Die na hem kwam , dat is, in
Christus Jezus.
5 En die hem hoorden werden gedoopt in den Naam van den Heere Jezus.
6 En als Paulus hun de handen opgelegd had , kwam de Heilige Geest op hen ; en
zij spraken met vreemde talen, en profeteerden.
7 En alle dezen waren omtrent twaalf mannen
8 En hij ging in de synagoge, en sprak vrijmoediglijk, drie maanden lang met hen
handelende, en hun aanradende de zaken van het Koninkrijk Gods" Hand.19:1-7
Let op! Ook hier moeten wij weer in het achterhoofd houden, of liever gezegd
: in het voorhoofd, dat Paulus nog steeds bezig was de Joden tot jaloersheid te
brengen om toch nog enigen uit hun te redden en om aan hun te door zichtbare
tekenen te laten zien dat God gestopt was in Zijn plan met Israel.
Hier zien wij 12 mannen. Zij vertegenwoordigen Israel, de 12 stammen. Voor de
Jood geen enkele twijfel bij dit getal.
Het is het nummer wat bij Israel hoort.
Het is hún getal.
En net zoals Apollos alleen bekend was met de doop van Johannes (Han.18:25), zo
ook zij. Misschien waren het wel zijn discipelen. Maar Paulus gaat hun gebruiken
naar de Joden toe.
In vers 8 neemt hij ze mee de synagoge in voor 3 maanden, maar dan gaat
Paulus daar weg en gaat in een school
"9 Maar als sommigen verhard werden, en ongehoorzaam
waren, kwaadsprekende van den weg des Heeren voor de menigte, week hij van hen,
en scheidde de discipelen af, dagelijks
handelende in de school van zekeren Tyrannus".
En hij nam de discipelen mee! Dat is in ieder geval de 12 Joden. En die
bediening daar duurde 2 jaar welke niet onbekend bleef in Azie:
"10 En dit geschiedde twee jaren lang, alzo dat allen,
die in Azie woonden , het Woord van den Heere Jezus hoorden , beiden Joden en
Grieken".
Houd in uw gedachten de bediening van Paulus naar de Joden toe.!!!
In vers 6 lezen wij dat ze vreemde talen spraken en profeteerden. Zichtbare
en hoorbare teken voor Israel. In feite was dit een oordeel voor hun.
Paulus gebruikte deze 12 joden, zoals hij wel meerdere Joodse helpers had ,
die voor hem gelovig geworden waren en nu, aangezien het programma met Israel nu
stil stond, Paulus gingen helpen in zijn bediening.
Zeker naar hun ongelovige
broeders in het vlees: Israel. Dat was voor Paulus een voortdurend hartzeer, zie
Rom.9:1-5; 10:1; 11:1.
In Kol.4:10-11 zien wij er ook een paar:
"U groet Aristarchus, mijn medegevangene; en Markus, de
neef van Barnabas, aangaande welken gij bevelen ontvangen hebt; zo hij tot u
komt , ontvangt hem;
En Jezus, gezegd Justus, welke uit de besnijdenis zijn;
deze alleen zijn mijn medearbeiders in het
Koninkrijk Gods, die mij een vertroosting geweest zijn".
Zie ook Rom.16:7
Aristarchus, ook een joodse gelovige uit Thessaloniki zien wij hier in
Efeze ook bij Paulus in vers 29 :
"En de gehele stad werd vol verwarring; en zij liepen
met een gedruis eendrachtelijk naar de schouwplaats, met zich trekkende Gajus en
Aristarchus, Macedoniers, metgezellen
van Paulus op de reis".
Zo verloopt de gang van zaken in Efeze met de Joodse helpers van Paulus.
Ze
zijn voor hem een geweldige hulp en een groot getuigenis voor iedereen, zowel
naar de Joden als naar de heidenen, want Paulus gaat, nadat hij van de synagoge
afweek, naar de heidenen toe in de school en deze
grote groep van Joden staan achter hem!!.
Dat was bijzonder, want een Jood ging niet bij heidenen naar binnen, dat was
niet toegestaan. Denk aan Petrus hoe hij reageerde toen hij naar Cornelius
moest.
In de verzen 10, 17, 20 en 26 zien wij dat er een geweldige uitbreiding van
het Evangelie plaatsvond, zowel in Efeze en in geheel Azie. En alle Joden en
alle heidenen hoorden ervan en velen kwamen tot geloof, zie vers 12, 18,19, 26.
Dat was de reden waarom Paulus wil weten of ze de Heilige Geest
ontvangen hadden. Hij vraagt niet of ze gered zijn. Hij wil weten in welk
programma ze zitten. Uit hun antwoord zal tevens blijken of ze gered zijn en in
welke Bedeling.
En als hij dat eenmaal weet, gaat hij over tot handelen.
Daarom, nadat hij dat wist, legde Paulus deze 12 Joodse mannen dus de handen op
waardoor ze de Heilige Geest ontvingen .
Paulus wist dat er deur geopend was en zag zijn kansen voor het Evangelie (1
Kor.16:8-9).
Paulus legt ze onder de meetlat. Hij gaat ze vergelijken met de standaarden :
1.
Als ze
vóór Pinksteren gelovig zijn geworden betekent dat, dat ze de Heilige Geest
niét
ontvangen hebben.
2. Als het tijdens of vlak na (binnen 1 jaar) Pinksteren gebeurd
is, dan betekent dat dat ze de Heilige Geest wél hebben ontvangen
en dat de Heilige Geest op hen is. Matt. 3:16; 12:18;
Hand.1:8; 2:17;
Dit had vooral te maken met de bovennatuurlijke kracht Die de geest gaf voor de
wondertekenen zoals genezen, wonderen, talen enz. Christus noemde het ontvangen
van de Geest daarom ook "de kracht van de Heilige Geest" . Heel
duidelijk is dat die bovennatuurlijke kracht.
Ook was de Geest in hun (Ezech.36:27; Matt.10:20; Joh. 14:17; 1 Joh.2:27; 4:4)
3. Als ze na Paulus' bekering gelovig zijn
geworden onder de prediking van het Evangelie der genade Gods (door volgelingen
van Paulus) dan hebben ze de Heilige Geest ook ontvangen, echter dan is Hij
alléén in hun. 1 Kor.3:16; 6:19; 1Thess.4:8.
Alleen in Han.10:45-45 en 11:15 lezen wij dat de Hij op de heiden
kwam.
Maar dit ging ook hier gepaard met bovennatuurlijke dingen, zoals vreemde talen
spreken. Dit was vooral om Petrus, de leider van de 12 apostelen te laten zien
dat er wat veranderd was in Gods handelen met Israel.
Dit was nog in de overgangsperiode in Handelingen waarin de
heidenen deze tekenen ook hadden als teken naar Israel toe wat wij ook zien in
die tijd, bijv. in de gemeente te Korinthe (1 Kor.12-14).
Echter alleen bij hun lezen wij hierover, dat is omdat zij naast de synagoge bij
elkaar kwamen. Verder zien wij in de andere gemeenten hier weinig of niets over,
dan dat vooral Paulus deze bovennatuurlijke krachten bezat (Han.19:11;
Rom.15:18-19).
Ook hier weer i.v.m. Israel tot jaloersheid te brengen, anderzijds omdat hij een
apostel was, die deze tekenen allemaal had (2 Kor.12:12;
Han.13:11; 14:3,9-11; 16:18,26; 19:11-12; 20:10; 28:3-5).
Als er dus geen Joden waren, dan ontbraken ook de tekenen en was de Geest dus
niet op hun.
Verder lezen wij nooit op hun, want dat is nu ook niet nodig in
deze Bedeling der Genade, waarin wij alleen in geloof wandelen en niet in
aanschouwen, zonder de bovennatuurlijke krachten. (2 Kor.5:7,)
Want sinds Paulus gevangen zat en de volledige openbaring van de Verborgenheid
ontvangen had, zijn die bovennatuurlijke krachten verdwenen. 1 Kor.13:9-13.
Dit is de verklaring voor het feit dat er ook nu geen tekenen en wonderen
kúnnen zijn, want de heilige Geest is nu niet op de gelovige, alleen in hem.
Goed, Paulus weet nu door hun antwoord dat ze de Heilige Geest niet hebben
ontvangen, maar wel de doop van Johannes. Ze wisten wel dat er een doop met de
Heilige Geest zou komen, want dat had Johannes gezegd in Matt.3:11-12.
Maar ze hadden niet gehoord van de vervulling en
de uitstorting van die beloofde Heilige Geest zoals o.a. bij
Pinksteren gebeurd was. Vanaf Hand.7 bij de steniging van Stefanus was de
Heilige Geest gestopt met het vullen van de met water gedoopte joods gelovigen.
Zie ook in Hand.8:1-25
Dus omdat het programma met Israel gestopt was, stopte Christus met het dopen
van de gelovigen met de Heilige Geest.
Dus nu weet Paulus hoe het met deze 12 zit.
Zij waren dus geen "Hand.
2:38-gelovigen", geen "Pinkstergelovigen" dus, want dan zouden ze de
Heilige Geest zeker ontvangen hebben.
Maar ook geen "Paulinische" (=mijn uitdrukking-JS) gelovigen, want dan
hadden ze ook de Heilige Geest ontvangen.
Dus waren ze gelovigen alleen gedoopt met de doop van Johannes.
Ze waren al gedoopt met de doop van Johannes en hadden dus vergeving van
zonden ontvangen, want dat was de doop van Johannes.
Ze waren dus gelovigen die positief hadden gereageerd op de doop van Johannes.
En nu gaat Paulus aan hun uitleggen in vers 4 en 5 wat Johannes leerde over
zijn doop.
Vers 5 gaat niét over
Paulus die hun doopt, maar is een vervolg van vers 4 over degenen die Johannes
de Doper hoorden, dwz naar hem luisterden én gehoorzaamden en zich door
Johannes lieten dopen.
Dus die gehoor gaven aan de oproep van Johannes lieten zich dopen. Dat zegt
Paulus hun. Er staat dus niet dat ze naar Paulus hoorden en dat hij hun doopte.
In zowel vers 4 en vers 5 is Paulus aan het woord.
En Paulus geeft aan deze doop van Johannes de benaming :
"in de Naam des Heeren Jezus".
Dat zei Paulus zo, want door dat te zo zeggen gaf hij vervulling aan dat
Johannes had gezegd dat hij Johannes, de geprofeteerde profeet was :
Markus 1:
"1 Het begin des Evangelies van JEZUS CHRISTUS
, den Zoon van God.
2 Gelijk geschreven is in de profeten : Ziet, Ik zend Mijn engel voor Uw
aangezicht, die Uw weg voor U heen bereiden zal.
3 De stem des roependen in de woestijn : Bereidt den weg des Heeren,
maakt Zijn paden recht.
4 Johannes was dopende in de woestijn, en
predikende den doop der bekering tot vergeving der zonden"
Johannes 1:
"23 Hij zeide: Ik ben de stem des roependen in de
woestijn: Maakt den weg des Heeren recht,
gelijk Jesaja, de profeet, gesproken heeft.
24 En de afgezondenen waren uit de Farizeen;
25 En zij vraagden hem en spraken tot hem: Waarom doopt gij dan, zo gij de
Christus niet zijt, noch Elias, noch de profeet?
26 Johannes antwoordde hun, zeggende : Ik doop met water, maar Hij staat midden
onder ulieden, Dien gij niet kent;
27 Dezelve is het, Die na mij komt, Welke voor mij geworden is, Wien ik niet
waardig ben, dat ik Zijn schoenriem zou ontbinden".
Johannes de Doper citeert hier 2 profetieën die over hem gaan, nl. Maleachi
3:1 en Jesaja 40:3.
Johannes kwam in de Naam des Heeren en ging voor Hem de weg banen. Hoe deed
hij dat? Door te dopen der bekering tot vergeving der
zonden.
Welnu, doordat Paulus zegt "in de Naam des Heeren
Jezus" leert Hij daarmee dat de doop die Johannes deed in opdracht
van de HEERE uit de profeten in het Oude Testament, dat dat dezelfde
Persoon is van wie Johannes zei waarin zij moesten geloven. Als u de teksten in
Jesaja en Maleachi opzoekt ziet u inderdaad de HEERE staan.
Dus Christus is de HEERE uit het Oude Testament. Ze zijn één en de
zelfde!
Paulus identificeert dus wie deze "Heere"
is…," dat is, in Christus Jezus"
Dit weer in verband met zijn bediening in Handelingen naar de Joden toe,
namelijk aan de Joden bewijzen dat Jezus de beloofde Messias was en dat Paulus
Hem verkondigde, alleen nu in een ander programma.
"4 Maar Paulus zeide: Johannes heeft wel gedoopt den
doop der bekering, zeggende tot het volk, dat zij geloven zouden in Dengene, Die
na hem kwam , dat is, in Christus Jezus.
5 En die hem hoorden werden gedoopt in den Naam
van den Heere Jezus"
En wat doet Paulus nu?
"6 En als Paulus hun de handen opgelegd had , kwam de
Heilige Geest óp hen ; en zij spraken met vreemde talen, en profeteerden"
Niét met water dopen, maar met de
Heilige Geest.
Let op! De Heilige Geest kwam óp hun en zié : de tekenen zoals
vreemde talen en profeteren zijn onmiddelijk aanwezig.
Paulus doet precies zoals Petrus deed in Hand.8. bij de Samaritanen, echter niet met
dezelfde reden als Petrus deed.
Petrus deed het ná de val van Israel (= ná de
steniging van Stefanus), hoewel hij dat toen nog niet begreep.
Filippus
verkondigde daar toen het Evangelie en doopte hun met water, maar ze ontvingen
niet de Heilige Geest.
Toen de 12 apostelen dat in Jeruzalem hoorden stuurden zij Petrus en Johannes
om te gaan zien wat daar nu gaande was.
Omdat dat iets vreemds was voor hun. De 12 bleven juist in Jeruzalem, omdat
eerst Jeruzalem, daarna Judea en dan pas Samaria aan de beurt was om het
Evangelie te verkondigen (Hand.1:8).
Dát was de opdracht.
Echter door de grote vervolging die uitbrak onder leiding van Paulus werden
de gelovigen verstrooid (Hand.8:1-5; 11:19) naar o.a.Samaria en andere streken.
En zo kwam Filippus in Samaria terecht, maar de apostelen, als de leiders,
bleven in Jeruzalem, geheel conform de opdracht (Hand.8:1).
En ja natuurlijk, Filippus, niet beter wetende , toen hij daar was vanwege de
vervolging ging daar verder met verkondigen.
Maar we moeten heel goed begrijpen
dat het niet meer volgens het profetische programma was. Israel was reeds
gevallen en het programma met hun was tijdelijk stil gezet.
Maar wel degelijk stil gezet!
En zó kwamen Petrus en Johannes naar Samaria, allebei
niet begrijpende hoe dat nu kon. En Petrus deed wat hij, in zijn onwetendheid
moest doen, nl. de handen op leggen zodat ze alsnog de Heilige Geest zouden
ontvangen.
Precies zoals hij dacht bij de heiden Cornelius te moeten handelen die hij
doopte met water, omdat hij zag dat ze de Heilige Geest hadden ontvangen.
Hij
begreep het niet, maar handelde zoals hij dacht te moeten handelen in
overeenstemming met de Grote Opdracht.
Dus met dié reden en dié kennis (onwetendheid) en
onder dié omstandigheden legde Petrus de handen op en ging weer
terug naar Jeruzalem. De verandering was dus echter al volop bezig.
Hoe geheel anders bij Paulus! Geheel andere reden, géén onwetendheid, maar
juist heel bewust van wat hij deed en volgens de wil van God en onder geheel
andere omstandigheden legde Paulus hier de handen op.
Hij had niet dezelfde bediening als Petrus.
Maar Paulus had wél alle tekenen van een apostel en was nog volop bezig om
Israel tot jaloersheid te brengen:
Ik ben roemende onwijs geworden ; gij hebt mij
genoodzaakt, want ik behoorde van u geprezen te zijn ; want ik ben in geen ding
minder geweest dan de uitnemendste apostelen, hoewel ik niets ben.
De merktekenen van een apostel zijn onder u betoond in alle
lijdzaamheid , met tekenen, en wonderen, en krachten.
2 Kor.12:11-12
De handen opleggen en dat ze de Heilige Geest ontvangen, dat zien wij Paulus
nergens, maar dan ook nergens bij ook maar één heiden doen.
Deze 12 Joden ontvingen de Heilige Geest hier vanwege Paulus, die ze eigenlijk onder Petrus hadden moeten ontvangen onder de
prediking van het Koninkrijksevangelie voor Israel!
Daardoor spraken ze hier bij Paulus in tongen en profeteerden zij en
waren daarmee een teken voor de ongelovige Joden:
"Zo dan, de vreemde talen zijn tot een teken niet
dengenen, die geloven, maar den ongelovigen; en
de profetie niet den ongelovigen, maar dengenen, die geloven" 1 Kor.14:22
En met dié kennis en met dié reden legde Paulus
hun de handen op. Dus hoewel bijna iedereen denkt dat Paulus hier doopte, is dat
geenszins het geval. Wij dienen het Woord serieus te bestuderen en goed en
nauwkeurig met de juiste leer in ons achterhoofd te lezen.
Dus wij zien hier géén waterdoop
door Paulus.
We zullen straks verder in deze studie ook zien, dat Paulus na Korinthe
gestopt is met dopen. U kunt zoeken , maar nergens lezen wij dat meer. In feite
heeft hij in de eerste Korinthe brief afscheid van de waterdoop genomen.
Dus nogmaals, hier zien wij opnieuw Paulus Rom. 11:14 ten volle in uitvoering
brengen : Maak ze jaloers en probeer ze te winnen voor Christus.
Als ze de tekenen zien weten ze dat God nu met de heidenen bezig is en dat ze
dat Evangelie moeten aannemen wat ik, Paulus, verkondig.
Welk Evangelie verkondigde Paulus toen? Een Evangelie met of zonder doop?
Welnu, als we zijn brieven gaan lezen die hij toen schreef kunnen wij daar
makkelijk achter komen.
De "vroege" brieven van
Paulus in Handelingen geschreven
Galaten
Galaten is, zoals wij geloven, Paulus’eerste brief., geschreven zo ongeveer
rond Hand.16 te Filippi. (Zie onze studie "De chronologische volgorde van de
brieven van Paulus")
Wat lezen wij dan :
"Die Zichzelven gegeven heeft voor onze zonden, opdat
Hij ons trekken zou uit deze tegenwoordige boze wereld , naar den wil van onzen
God en Vader" 1:4
"Maar daarentegen, als zij zagen, dat aan mij het
Evangelie der voorhuid toebetrouwd was , gelijk aan Petrus dat der besnijdenis ;
En als Jakobus, en Cefas, en Johannes, die geacht waren pilaren te zijn, de
genade, die mij gegeven was , bekenden, gaven zij mij en Barnabas de rechter
hand der gemeenschap, opdat wij tot de heidenen, en zij tot de besnijdenis
zouden gaan" 2:7,9
In zijn eerst brief maakt Paulus gelijk duidelijk dat het nu gaat om wat
Paulus verkondigt en niét wat de apostelen
verkondigen en dat hij het ook alleen van Christus gehoord heeft en van
niemand
anders!
"Maar ik maak u bekend, broeders , dat het Evangelie,
hetwelk van mij verkondigd is, niet is naar den mens.
Want ik heb ook hetzelve niet van een mens ontvangen, noch geleerd , maar door
de openbaring van Jezus Christus." 1:11-12
En dat betekent ook dat hij een ander Evangelie verkondigt als de 12 :
"Doch wetende, dat de mens niet gerechtvaardigd wordt
uit de werken der wet , maar door het geloof van Jezus Christus, zo hebben wij
ook in Christus Jezus geloofd, opdat wij zouden gerechtvaardigd worden uit het
geloof van Christus, en niet uit de werken der wet; daarom dat uit de werken der
wet geen vlees zal gerechtvaardigd worden. 2:16
Dat evangelie noemt hij in Hand.20:24 het "Evangelie
der Genade Gods"
"Dit alleen wil ik van u leren : hebt gij den Geest
ontvangen uit de werken der wet, of uit de prediking des geloofs?" 3:2
In deze allereerste brief lezen wij wat Paulus van het begin af aan
verkondigd heeft. Want wanneer ontvingen ze de Heilige Geest?
Direct na de prediking van het geloof!!
Zonder doop dus. Toen werden ze gerechtvaardigd, zoals wij zojuist hierboven
in Gal. 2:16 lazen.
"Want gij zijt allen kinderen Gods door het geloof in
Christus Jezus .
Want zovelen als gij in Christus gedoopt zijt, hebt gij Christus aangedaan .
Daarin is noch Jood noch Griek ; daarin is noch dienstbare noch vrije; daarin is
geen man en vrouw ; want gij allen zijt een in Christus Jezus" 3:26-28
Hier staat dat het geloof in Christus Jezus gelijk staat aan de doop in
Christus. Het is één en hetzelfde. In Christus gedoopt =
niet in water gedoopt!! Dat staat er niet.
Straks gaan wij dit verder bekijken
Galaten leert ons duidelijk dat de rechtvaardiging uitsluitend door geloof
alleen zonder besnijdenis, daar werden ze daar vooral mee lastig gevallen:
"Al degenen, die een schoon gelaat willen tonen naar
het vlees, die noodzaken u besneden te worden, alleenlijk opdat zij vanwege het
kruis van Christus niet zouden vervolgd worden.
Want ook zij zelven, die besneden worden , houden de wet niet; maar zij willen,
dat gij besneden wordt, opdat zij in uw vlees roemen zouden.
Maar het zij verre van mij, dat ik zou roemen, anders dan in het kruis van onzen
Heere Jezus Christus; door Welken de wereld mij gekruisigd is, en ik der wereld.
Want in Christus Jezus heeft noch besnijdenis enige
kracht, noch voorhuid, maar een nieuw schepsel." 6:12-15
Geloof alleen! Het kruis alleen! Verder niets! Voor hun, joden, was het de
besnijdenis, maar voor de heidenen is het de doop met water.
Besnijdenis was zo’n beetje het belangrijkste voor de Jood en dat is de doop
toen al en nu voor het Lichaam van Christus en het zgn. Christendom!!
Dus géén doop, alléén de gekruisigde Christus,
dát vertelde Paulus ook al in Filippi!
Dopen was een teken voor de ongelovige Joden in de begintijd om ze te de kans
te geven en te helpen de overgang van hun naar de heidenen te begrijpen en te
aanvaarden en daarom zien wij dus hier en daar dat er gedoopt wordt met water.
Er zit altijd een bedoeling achter bij Paulus.
1 Thessalonicenzen
Geschreven te Korinthe in Hand.18. Welk Evangelie lezen wij in deze brief?
"Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven is en opgestaan,
alzo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, weder brengen met Hem "
4:14
Zie ook vers 15-18
Doop wordt niet genoemd als
voorwaarde i.v.m. met het feit als de Here komt om ons te halen.
Dat betekent dat de zonden vergeven zijn zonder doop, want anders wordt je echt
niet door de Here opgehaald.
Dit is in tegenstelling tot wat Petrus leerde o.a. in Hand. 2:38.
"Want God heeft ons niet gesteld tot toorn, maar tot
verkrijging der zaligheid, door onzen Heere Jezus Christus,
Die voor ons gestorven is, opdat wij, hetzij dat wij waken, hetzij dat wij
slapen, te zamen met Hem leven zouden." 5:9-10
Ook hier zien wij hetzelfde dat wij tezamen zullen leven met Hem door
geloof alléén.
Wij lezen niets over dopen met water, in deze brief en in het verslag in
Handelingen over Paulus in Thessaloniki.
Dát heeft Paulus verkondigd te Thessaloniki
(Hand.17:1-9)
2 Thessalonicenzen
Geschreven te Korinthe in Hand.18.
"Maar wij zijn schuldig altijd God te danken over u,
broeders, die van den Heere bemind zijt, dat u God van den beginne
verkoren heeft tot zaligheid,
in heiligmaking des Geestes, en geloof der waarheid
Waartoe Hij u geroepen heeft door ons Evangelie, tot verkrijging der
heerlijkheid van onzen Heere Jezus Christus" 2:13-14
Dus zalig door het geloof in de waarheid wat Paulus verkondigde en daardoor
de heerlijkheid verkrijgende. Dit Evangelie hadden ze al gelezen in de eerste
brief aan hun, maar ook in Galaten, want de brieven die Paulus schreef werden
allemaal gekopieerd en verdeeld onder al de gemeenten. Verder wat Paulus heeft
geleerd in zijn mondelinge bijbelstudies die wij niet opgetekend zien in de
brieven.
1 Korinthe
Geschreven te Efeze in Hand. 19:22.
"Naar de genade Gods, die
mij gegeven is,
heb ik als een wijs bouwmeester het
fondament gelegd; en een ander bouwt daarop. Maar een iegelijk zie toe , hoe hij
daarop bouwe.
Want niemand
kan een ander fondament leggen, dan hetgeen gelegd is , hetwelk is Jezus
Christus." 1 Kor.3:10-11
Paulus heeft Christus verkondigd als het fundament dat niet door Petrus
verkondigd is. Hier zien wij duidelijk de afwijking van wat Petrus verkondigde
zoals hij ook al in Galaten duidelijk maakte. (Zie nogmaals hierboven wat
Galaten hierover zegt.)
"Voorts, broeders, ik maak u bekend het Evangelie, dat
ik u verkondigd heb , hetwelk gij ook aangenomen hebt, in hetwelk gij ook staat;
Door hetwelk gij ook zalig wordt, indien gij het behoudt op zodanige wijze , als
ik het u verkondigd heb; tenzij dan dat gij tevergeefs geloofd hebt. Want ik heb
ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen heb , dat Christus
gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften;
En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de
Schriften" 15:1-4
En dit was het Evangelie wat hij vanaf het begin van zijn
bediening heeft verkondigd vanaf zijn bekering.!
Waterdoop wordt niet genoemd terwijl wij zonet zagen in Hand.18 er in
Korinthe wel mensen gedoopt werden.
Nogmaals, Paulus deed dit i.v.m. met de overgang van het ene naar het
programma.
De enige oorzaak nu in deze Bedeling der Genade, dat een mens zijn zonden
niet vergeven zijn, is als hij niet gelooft dat Christus is opgestaan ( en
uiteraard ook niet als hij niet gelooft dat Christus voor zijn zonden gestorven
is)
"En indien Christus niet opgewekt is , zo is uw geloof
tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden" 15:17
Maar niét omdat hij niet gedoopt
is, wat onder Petrus wél het geval was.
Romeinen
Geschreven in Griekenland te Macedonië in Hand. 19:1-3.
Ja, de Romeinenbrief is dé brief
over het kruis en onze rechtvaardiging. Dus wat Christus gedaan heeft aan het
kruis en waarom. Over de zonde en de
zonden. Over leven uit genade en door
de Geest.
Over dood voor de zonde en dood voor de wet, maar levend voor Hem. (6:11;
7:4)
Het is teveel om op te noemen. De enige manier om er achter te komen is dat u
zelf deze brief gaat bestuderen. U zult rijkelijk gezegend worden!
Toch enkele verzen over het Evangelie waardoor men zalig wordt:
"Maar nu is de rechtvaardigheid Gods geopenbaard
geworden zonder de wet, hebbende getuigenis van de wet en de profeten:
Namelijk de rechtvaardigheid Gods door het geloof van Jezus Christus,
tot allen , en over allen, die geloven;
want er is geen onderscheid.
Want zij hebben allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods;
En worden om niet gerechtvaardigd, uit Zijn genade, door de
verlossing, die in Christus Jezus is;
Welken God voorgesteld heeft tot een
verzoening, door het geloof in Zijn bloed, tot een betoning van Zijn
rechtvaardigheid, door de
vergeving der zonden , die te voren geschied
zijn onder de verdraagzaamheid Gods;
Tot een betoning van Zijn rechtvaardigheid in dezen tegenwoordigen tijd; opdat
Hij rechtvaardig zij, en rechtvaardigende dengene, die uit het geloof van Jezus
is" 21-26
Geloof alléén is genoeg om de rechtvaardigheid te ontvangen.
" 24 Maar ook om onzentwil, welken het zal toegerekend
worden, namelijk dengenen, die geloven in Hem, Die Jezus, onzen
Heere, uit de doden opgewekt heeft ;
25 Welke overgeleverd is om onze zonden, en opgewekt om onze rechtvaardigmaking"
4:24-25
"Wij dan, gerechtvaardigd zijnde uit het
geloof, hebben vrede bij God, door onzen Heere Jezus Christus
Door Welken wij ook de toeleiding hebben door het geloof tot deze genade, in
welke wij staan, en roemen in de hoop der heerlijkheid Gods" 5:1-2
Paulus verkondigde dit allemaal toen hij rondreisde in de periode waarin
Handelingen geschreven is.
"Maar wat zegt zij? Nabij u is het Woord, in uw mond en
in uw hart. Dit is het Woord des geloofs, hetwelk wij prediken.
Namelijk, indien gij met uw mond zult belijden den Heere Jezus, en met uw hart
geloven, dat God Hem uit de doden opgewekt heeft, zo zult gij zalig worden"
10:8-9
Tot zover het Evangelie wat Paulus verkondigde tijdens zijn reizen voordat
hij gevangen werd te Jeruzalem en hij overgebracht werd naar Rome.
Het laatste wat wij nog moeten bekijken is de doop, wat Paulus daar over
zegt.
Is bij Paulus’ verkondiging de doop
helemaal afgeschaft?
Het antwoord hierop is ja en nee. Het ligt er aan welke doop u daarmee
bedoelt en over welke doop Paulus spreekt, want hij spreekt zeer zeker over de
doop.
Paulus doopte wel met water, maar wij hebben gezien dat dat een specifieke
reden had , nl voor de Joden. Het was niet verbonden met vergeving van zonden en
de doop met de Heilige Geest. De volgorde veranderde en het is duidelijk
uit zijn brieven dat het alleen om het geloof in Christus ging.
Paulus heeft zeker niet overal gedoopt. In feite waren het er maar een klein
aantal. Voor Paulus was de doop met water op zich totaal onbelangrijk:
"Ik dank God, dat ik niemand van ulieden gedoopt heb,
dan Krispus en Gajus;
Opdat niet iemand zegge, dat ik in mijn naam gedoopt heb.
Doch ik heb ook het huisgezin van Stefanus gedoopt; voorts weet ik niet, of ik
iemand anders gedoopt heb" 1 Kor.1:14-16
Paulus deed het met een reden, maar niet omdat het bij de prediking van het
Evangelie van het kruis hoorde. Want daar waar het wel gebeurde had het een
bedoeling, zoals te Korinthe bijvoorbeeld, waar de samenkomst van de gemeente
naast de synagoge was. Paulus maakte daar gebruik van naar de Joden toe.
In tegenstelling met Johannes de Doper werd hij niét gezonden
om te dopen zoals hij in vers 17 zegt:
"Want Christus heeft mij niet gezonden , om te
dopen, maar om het Evangelie te verkondigen; niet met wijsheid van woorden,
opdat het kruis van Christus niet verijdeld worde."
Nogmaals Johannes de Doper wél.
God had Johannes de Doper wél gezonden om te dopen met water:
"En ik kende Hem niet;
maar Die mij gezonden heeft, om te dopen met water,
Die had mij gezegd: Op Welken gij den Geest zult zien nederdalen, en op Hem
blijven , Deze is het, Die met den Heiligen Geest doopt" Joh.1:33
Christus heeft de 12 óók gezonden om te dopen:
"En Jezus, bij hen komende, sprak tot hen, zeggende:
Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde.
Gaat dan henen, onderwijst al de volken,
dezelve dopende in den Naam des Vaders, en des
Zoons, en des Heiligen Geestes; lerende hen onderhouden alles, wat Ik u geboden
heb" Matt.28:18-19
"En Hij zeide tot hen: Gaat heen
in de gehele wereld, predikt het Evangelie aan alle
kreaturen.
Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn , zal zalig
worden; maar die niet zal geloofd hebben,
zal verdoemd worden." Markus 16:15-16
Dus ze werden gezonden om te dopen met water. Alléén diegenen die geloofden
én gedoopt werden, alleen die werden zalig!!!!
Wie van u durft dat ook nu voor ons te zeggen!!!
En op Pinksteren zien wij dat Petrus trouw de opdracht tot dopen uitvoert:
"En Petrus zeide tot hen: Bekeert u, en een iegelijk
van u worde gedoopt in den Naam van Jezus Christus, tot vergeving der zonden; en
gij zult de gave des Heiligen Geestes ontvangen" Hand.2: 38
Nogmaals, Paulus zegt over de doop zoals hierboven door Johannes de Doper en
de 12 uitgevoerd, over zichzelf in betrekking hierop:
"Want Christus heeft mij niet gezonden , om te dopen,
maar om het Evangelie te verkondigen; niet met wijsheid van woorden, opdat het
kruis van Christus niet verijdeld worde." 1 Kor.1:17
Maar verderop in dezelfde brief, hoofdstuk 12 zegt hij :
"Want ook wij allen zijn
door één Geest tot een lichaam
gedoopt ;
hetzij Joden, hetzij Grieken, hetzij dienstknechten, hetzij vrijen; en wij zijn
allen tot één Geest gedrenkt" 1 Kor.12:13
En dát is het antwoord op de vraag waarom Paulus zegt dat hij
niet gezonden is om de mensen te dopen met water.
Namelijk, omdat die mensen die het Evangelie van hun zaligheid van Paulus
hoorden en aannamen, die mensen werden op datzelfde moment
door de Heilige Geest gedoopt tot één lichaam (wat betekent
in één lichaam), namelijk het Lichaam van Christus (Ef. 1:22-23).
Het is bij de prediking van Paulus dat men zalig wordt uitsluitend uit genade
door het geloof. (Ef. 2:8-9).
Christus heeft álles aan het
kruis volbracht en wij hoeven, maar vooral kunnen daar
niéts aan toedoen.
Sinds wij vanaf de bekering van Paulus in Handelingen 9 in de Bedeling der
Genade leven
is het de Heilige
Geest Die de mensen doopt en niét
meer de Here Jezus.
Toen doopte Christus de gelovigen mét de Heilige Geest
nádat ze de doop tot vergeving der zonden hadden ontvangen.
Sinds Paulus, tot en met de dag van vandaag, doopt de Heilige
Geest de gelovigen direkt op het moment dat ze Christus hebben
aangenomen, zoals bijvoorbeeld de stokbewaarder.
Die werd pas gedoopt nadat hij eerst de striemen van de ruggen van Paulus en
Silas gewassen had.
Dat komt omdat aan Paulus geopenbaard is dat het geloof in het volbrachte
werk aan het kruis het enige is wat wij nu moeten geloven:
"En worden om niet
gerechtvaardigd, uit Zijn genade, door de verlossing, die
in Christus Jezus is" Rom.3:24
Ziet u? Om niet! Vrijelijk! En dat heeft Petrus nooit verkondigd in
Handelingen 2:38.
Ook leest u daar niét dat door het bloed van Christus alleen
redding wordt aangeboden. Leest u maar, het staat er niet!
Wij weten nu, dat als Paulus doopte met water, dat dat een reden had i.v.m.
zijn bediening en het volk Israel. Om hun duidelijk te maken dat Israel gevallen
was en God naar de heidenen gegaan was.
Dat konden ze zien en horen door de tekenen die eigenlijk bij het volk Israel
hoorden, maar nu te zien waren bij de heidenen. Het moest hun overtuigen en ook
de kans geven om alsnog gered te worden, maar nu onder een andere Bedeling met
een ander programma met een ander Evangelie én met een andere apostel, niet 12
apostelen, maar één namelijk Paulus.
Dát is de énige
reden dat Paulus toén doopte met water.
Welnu, in die tijd, toen hij ook doopte, spreekt hij in zijn brieven wel over
de doop, maar dat is de doop door de Heilige Geest, zoals wij zonet in 1
Kor. 12:13 zagen. Dit is een doop zonder water, namelijk een geestelijke
doop. Niet te zien dus.
De doop waar Paulus over spreekt, spreekt over éénheid, ook wel
identificatie genoemd. Een ID bewijs is het bewijs dat u dezelfde persoon bent
als op dat document met uw gegevens en die foto. U bent één daarmee. Een schip
wordt ook gedoopt met een naam. Het schip wordt één gemaakt met de naam die dan
gegeven wordt.
Waarmee worden wij dan één gemaakt? Antwoord : Met Christus!
Ja, zult u zeggen, is dat nu zo bijzonder? Ja, dat is bijzonder, als u
begrijpt dat u niet één bent gemaakt met Christus zoals Hij op aarde rondliep en
dat u een trouwe volgeling van Hem wilt zijn. Of dat u een kind van God bent.
Nee, veel meer dan dat!
U bent op het moment dat u Christus als Verlosser hebt aangenomen, op dat
moment met Hem geïdentificeerd niét in Zijn
leven op aarde, maar juist in Zijn dood aan
het kruis, Zijn begrafenis en opstanding.
Dus Christus is niet alleen vóór
mij gestorven, maar veel meer is Hij
als mij gestorven. En wat was
ik : een zondaar! Hij hing daar als de Onschuldige, Die op dat moment tot zonde
gemaakt werd:
"Want Dien, Die geen zonde gekend heeft , heeft Hij
zonde voor ons gemaakt , opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem" 2
Kor. 5:21
Mijn zonde heeft Hem aan het kruis genageld. Hij is mijn
dood gestorven. Hij heeft Zich volledig één gemaakt met mij zondaar en door dat
te geloven heeft de Geest mij één gemaakt met Hem. Hij kreeg mijn
onrechtvaardigheid, ik Zijn rechtvaardigheid.
Dit is door geen enkele doop met water te vervangen of na te doen. Door geen
enkel ritueel is dit te imiteren. Misschien vindt u het moeilijk.
"Wat is nu mijn geloof zonder doop?" zult u nu misschien zeggen.
"Wat is nu mijn bewijs dat ik geloof?"
Dat bewijs vindt u in de Schrift en niet in rituelen die dat bewijs moeten
leveren dat u gelooft.
Dat de doop bij Paulus eenheid in de dood kan betekenen was door Christus
alreeds gezegd :
"Maar Ik moet met een doop gedoopt worden; en hoe worde
Ik geperst, totdat het volbracht zij!" Lukas 12:50
Wanneer zei Christus dit? 3 jaar nadat hij door Johannes de Doper met water
gedoopt was!
Dus waar spreekt Christus dan over? Hij spreekt hier Hij over Zijn sterven aan
het kruis.
Zijn doop hier was Zijn sterven. Hij werd hier in de dood gedoopt. En in
wiens dood werd Hij eén gemaakt? Wiens dood stierf Hij? Mijn dood!
Ik, de zondaar.
Eén gemaakt met mij, zondaar, dát ging Hij tegemoet. De toorn van God Die
voor mij was, ging Hij tegemoet. Dat wist Hij.
Hij stierf niet omdat Hij kon sterven vanwege het loon van de zonde, dat de
dood is (Rom. 6:23), want Hij was zonder zonde en dus zou Hij niet sterven, maar
Hij ging sterven omdat Hij daar aan het kruis ééngemaakt werd met het zondige
geslacht en hun dood daar stierf. Dát was Zijn doop aan het kruis,: de
doop in mijn dood!
En het is alléén Paulus die deze doop bekend maakte
Nog een voorbeeld :
"Maar Jezus antwoordde en zeide : Gijlieden weet niet
wat gij begeert ; kunt gij den drinkbeker drinken , dien Ik drinken zal, en met
den doop gedoopt worden, waarmede Ik gedoopt worde? Zij zeiden tot Hem: Wij
kunnen.
En Hij zeide tot hen: Mijn drinkbeker zult gij wel drinken, en met den doop,
waarmede Ik gedoopt worde, zult gij gedoopt worden; maar het zitten tot Mijn
rechter- , en tot Mijn linker hand, staat bij Mij niet te geven, maar het zal
gegeven worden dien het bereid is van Mijn Vader" Matt. 20:22-23
Ook hier zei Christus dat nadat Hij en de 12 al eerder door Johannes de Doper
waren gedoopt. Dus het is duidelijk dat Christus ook hier sprak over Zijn dood
aan het kruis.
En zoals Christus het hier zei i.v.m. Zijn sterven aan het kruis voor Israel,
want in de eerste plaats kwam Hij voor hun (Matt.15:24).
Het is door Paulus dat wij heidenen nu weten dat Hij voor ons deze dood
stierf. En wij weten inmiddels : ónze dood. Dus ook hier betreft het zijn
éénwording met ons zondaren in de dood.
En dáárover spreekt Paulus reeds in zijn eerste brief aan de heidenen,
terwijl hij ook doopte met water, tenminste zover wij kunnen opmaken over de
enkele keren dat het opgetekend is in Handelingen tijdens zijn reizen.
Laten wij deze teksten lezen in die brieven:
Galaten
In zijn eerste brief schrijft Paulus
waarin wij gedoopt zijn, namelijk
een Persoon:
"Want gij zijt allen kinderen Gods door het geloof in
Christus Jezus .
Want zovelen als gij in Christus gedoopt zijt, hebt gij Christus aangedaan .
Daarin is noch Jood noch Griek ; daarin is noch dienstbare noch vrije; daarin is
geen man en vrouw ; want gij allen zijt een in Christus Jezus." 3:26-28
Paulus stelt hier het geloof in Christus op één en dezelfde lijn als het in
Christus gedoopt zijn. Het is één en hetzelfde. Geloven in Christus = gedoopt
worden in Hem = Christus aandoen.
Dat is de ware betekenis van het "in Christus"
zijn.
We hebben reeds gezien dat het geloof in Christus, zoals Paulus vanaf het
begin aan af verkondigde, inhield het aannemen van Jezus Christus, Die als je
Verlosser voor je zonden aan het kruis is gestorven en begraven en opgestaan is.
En dat is dus onze eenwording (identificatie) met Hem hierin.
Dus waarin waren de Galaten gedoopt?
In water ????
Nee, in Christus !!!!
Door het geloof in Hem alléén plus niets. Hier is geen druppel water aan
te pas gekomen en dat is het nog steeds niet. Wij moeten hier niet iets in
lezen wat er niet staat.
Tegelijk zien wij hier dat iedereen in deze doop gelijk is en de Jood geen
voorrang meer heeft boven de heidenen. Dit in tegenstelling tot wat Petrus en de
apostelen verkondigden op de Pinksterdag, daar was zeer zeker een onderscheid
tussen Jood en heiden.
1 Korinthe
In deze brief schrijft Paulus door
wie wij gedoopt zijn.
" Want Christus heeft mij niet gezonden , om te dopen, maar om het Evangelie
te verkondigen; niet met wijsheid van woorden, opdat het kruis van Christus niet
verijdeld worde"
Nadat Paulus eerst in 1:17 heeft duidelijk gemaakt dat hij niet gezonden was
om te dopen met water lezen wij verder in hoofdstuk 12 vers 13 met welke doop
hij wél gezonden was :
"Want ook wij allen zijn door een Geest
tot een lichaam gedoopt ; hetzij Joden, hetzij
Grieken, hetzij dienstknechten, hetzij vrijen; en wij zijn allen tot een Geest
gedrenkt"
"En gijlieden zijt het lichaam van Christus, en leden in het bijzonder"
1 Kor. 12:13,27
Hier lezen wij A..door wie
en (opnieuw) B. waarin
wij gedoopt zijn, namelijk :
A. Door de Heilige Geest
B. In éen lichaam
Dit is een doop die niet door mensenhanden geschiedt. Niet door een dominee,
niet door een voorganger, niet door een priester, niet door iemand. Door
niemand. Deze doop kan door geen mens uitgevoerd worden.
Het is namelijk een Goddelijke doop, namelijk door de Heilige Geest. Dit is
een geestelijke doop, welke plaatsvindt op het moment dat
iemand Christus heeft aangenomen als Zijn Verlosser.
Op dát moment komt de Geest in Hem wonen en verzegelt hem op
datzelfde moment (Ef.1:13-14).
Dus de Geest heeft die persoon als het ware overgeplaatst in dat universele
Lichaam van Christus. Hij heeft iedere persoon, waar ook ter wereld en wat voor
ras, geslacht of maatschappelijke positie, allemaal gelijkelijk één gemaakt met
Christus en ze allemaal in dat ene lichaam geplaatst. Dat is allemaal gebeurd op
dat ene moment toen men gelovig werd.
Geen druppel water en geen persoon komt hier aan te pas. Het is uitsluitend
een kwestie van geloof.
Dus een doopdienst jaren nadat men gelovig geworden is, is
volledig in strijd met Gods Woord!
In de Bijbel gebeurt het niet in speciaal georganiseerde ‘doopdiensten" en
ook niet weken, maanden of jaren nadat men gelooft. Ook niet na speciale
voorbereiding zoals bijvoorbeeld "doopgesprekken". Nergens zien wij dit staan.
Ook waren er geen speciale waterbassins daarvoor aanwezig. Nee, gewoon geloven
en op dát moment dopen en daar waren maar een paar druppels voor nodig, want
volgens Ezechiel 36:25 werden de gelovigen gesprenkeld met water:
"Dan zal Ik rein water op u sprengen
, en gij zult rein worden; van al uw onreinigheden en van
al uw drekgoden zal Ik u reinigen "
Sprenkelen dus! Zo gebeurd! Anders hoe had Petrus op de eerste Pinksterdag
3000 mannen kunnen dopen in Hand.2:41 (plus de vrouwen en kinderen er nog bij te
tellen) en later werden het 5000 mannen (Hand.4:4). En als hij het door
onderdompeling had moeten doen, wáár dan in de tempel?
Nee, onder de prediking van de 12 werd men gedoopt met water gelijk op het
moment dat men ging geloven.
Men wordt echter door
de geestelijke doop uit 1 Kor.12:13 alleen lid van de enige ware Gemeente die er
bestaat, het Lichaam van Christus.
En dus niet van een kerk of een gemeente of een genootschap of wat dan ook!
Het mag dan zijn dat men bedacht heeft dat men pas door doop met water lid
kan worden van een kerk of gemeente, maar nooit, maar dan ook nooit kan deze
doop een voorwaarde zijn om lid te worden van een gemeente dan alleen van
dé gemeente, het Lichaam van Christus.
De enige doop met water, die voorwaarde was om lid te worden van een
gemeente, was de doop van Johannes en de 12 apostelen die Israel lid maakte van
de Koninkrijks gemeente en in die gemeente zat géén heiden, want in dat
programma blijft er verschil bestaan tussen de Jood en de heiden.
Want nadat Israel gedoopt
is gaan ze de wereld in om de heidenen het evangelie te verkondigen en met
water te dopen (Matt.28:19), maar er blijft onderscheid tussen de Jood en de
heiden. Dus de
gedoopte heiden blijft een aparte positie houden ten opzichte van de Joden.
Romeinen
Ja, en dan als laatste brief die tijdens Paulus’ apostel reizen geschreven is
voordat hij gevangen werd te Jeruzalem, zoals vastgelegd in de Handelingen
brief.
In deze brief, de laatste voor zijn gevangenschap, lezen wij als hoogtepunt
de uitleg over de betekenis van de geestelijke doop, want uit de
Korinthe brief dat weten wij inmiddels dat de doop door de Heilige Geest is
geschied.
En in Romeinen leert Paulus wat deze doop door de Heilige Geest inhoudt, nl.:
Hij indentificeert ons (maakt ons één) met Christus in Zijn
sterven, begrafenis en opstanding. De overwinning op het loon van de zonde, nl
de eeuwige dood in de poel des vuurs en de overwinning over de kracht van de
zonde in ons dagelijkse leven.
Dus wij zijn gered van de heerschappij van de zonde over ons (Rom. 6:14) en
-
- bevrijd om voor Hem te leven
-
- bevrijd om Hem te dienen in de nieuwheid des levens
-
- bevrijd om inderdaad ons zondige vlees dood te rekenen
voor de zonde!
Is dit ook uw opvatting over de doop?
"1 Wat zullen wij dan zeggen? Zullen wij in de zonde
blijven, opdat de genade te meerder worde?
2 Dat zij verre. Wij, die der zonde gestorven zijn, hoe zullen wij nog in
dezelve leven?
3 Of weet gij niet, dat zovelen als wij in Christus Jezus gedoopt
zijn, wij in Zijn dood gedoopt zijn?
4 Wij zijn dan met Hem begraven, door den doop in den dood, opdat, gelijkerwijs
Christus uit de doden opgewekt is tot de heerlijkheid des Vaders, alzo ook wij
in nieuwigheid des levens wandelen zouden.
5 Want indien wij met Hem een plant geworden zijn in
de gelijkmaking Zijns doods, zo zullen wij het ook zijn in de gelijkmaking
Zijner opstanding;
6 Dit wetende, dat onze oude mens met Hem gekruisigd is, opdat het lichaam der
zonde te niet gedaan worde, opdat wij niet meer de zonde dienen.
7 Want die gestorven is, die is gerechtvaardigd van de zonde.
8 Indien wij nu met Christus gestorven zijn, zo geloven wij, dat wij ook met Hem
zullen leven;
9 Wetende, dat Christus, opgewekt zijnde uit de doden, niet meer sterft ; de
dood heerst niet meer over Hem.
10 Want dat Hij gestorven is, dat is Hij der zonde eenmaal gestorven; en dat Hij
leeft, dat leeft Hij Gode.
11 Alzo ook gijlieden, houdt het daarvoor dat gij wel der zonde dood zijt , maar
Gode levende zijt in Christus Jezus, onzen Heere.
12 Dat dan de zonde niet heerse in uw sterfelijk lichaam, om haar te gehoorzamen
in de begeerlijkheden deszelven lichaams.
13 En stelt uwe leden niet der zonde tot wapenen der ongerechtigheid; maar stelt
uzelven Gode, als uit de doden levende geworden zijnde, en stelt uw leden Gode
tot wapenen der gerechtigheid .
14 Want de zonde zal over u niet heersen ; want gij zijt niet onder de wet, maar
onder de genade." Rom.6:1-7
Dit is het hart van ons geloof. Het kloppende hart van ons geestelijk leven.
Iedereen die deze doop weet en accepteert, bij hem gaat zijn hart zeker sneller
kloppen.
Dit hoort elke gelovige te weten.
Daarom zegt Paulus ook in vers 3 "Of weet gij niet"
Wij zijn in Christus gedoopt, dat wil zeggen in Zijn dood en
niét in water. Ook hier is het geestelijk. Bij deze doop wordt u
niet nat. Het is nl. gebeurd aan het kruis,
letterlijk.
Toen Hij daar hing, 2000 jaar geleden, stierf Hij mijn dood. En toen
ik geloofde, voor mij in 1989, werd ik op dat moment in Zijn dood gelijkgemaakt,
maar ook in Zijn begrafenis en in Zijn opstanding.
Dus een totale identificatie met wat toen, 2000 jaar geleden, reeds heeft
plaatsgevonden is op het moment toe ik gelovig werd een levende realiteit
geworden op datzelfde moment!
Wij zijn niet als Hem gestorven, begraven en opgestaan, maar
met Hem!!!
Dus niet na te spelen!!
Geen enkel ritueel kan dit in ons doen. Water kan dit niet doen.
Mensen kunnen dit niet doen. Een getuigenis is het absoluut niet. In ieder geval
niet voor God.
Het is juist een openlijke demonstratie van onwetendheid en van
ongehoorzaamheid en een ontkennen van Gods Genade.
Want in het Evangelie van de Genade Gods (Han. 20:24) wordt door de apostel
Paulus aan de wereld bekend gemaakt dat Christus alles, maar dan ook
álles aan het kruis heeft volbracht en dat wij daar niets, maar dan
ook helemaal niéts aan kunnen toevoegen. En het wordt ook absoluut
niet van ons gevraagd.
Door zich met water te laten dopen, laat men zien dat men niet 100% vertrouwt
op het volbrachte werk van Christus aan het kruis en dat het 100 % genade is.
Al gelooft u werkelijk dat Christus alles voor u gedaan heeft aan het kruis,
maar toch denkt gedoopt te moeten worden, om wat voor reden dan ook, dan gelooft
u niet dat het kruis 100% voldoende is. Dat betekent dat u niet voor de volle
100% uw vertrouwen stelt op de gekruisigde Christus. Er zit dan toch nog 1% die
twijfelt, wat een bewijs van ongeloof is (Rom.4:20)
99% geloof is niet genoeg anders is de genade geen genade meer:
"En indien het door genade is, zo is het niet meer uit
de werken; anderszins is de genade geen genade meer; en indien het is uit de
werken, zo is het geen genade meer; anderszins is het werk geen werk meer"
Rom.11:6
Dus nogmaals de vraag waar we dit stukje mee begonnen :
Is bij Paulus’ verkondiging de doop
helemaal afgeschaft?
Antwoord : Waterdoop : JA
Maar we hebben er een betere doop voor in de plaats gekregen, namelijk de
doop door de Heilige Geest.
De waterdoop is door Paulus, zoals wij zagen, en dit is essentieel om het te
begrijpen, door Paulus alleen toegepast daar waar het nodig was als getuigenis
tegen de joden en om enigen uit hun te behouden en ze tot jaloersheid te
wekken (Rom.11:13-14).
En toen Paulus eenmaal gevangen was genomen en wij in Handelingen 3 keer
lezen dat het heil naar de heidenen gezonden was, is deze doop met water onder
Paulus gestopt .
Maar nogmaals, Paulus heeft niet veel gedoopt, alleen daar waar het een doel
i.v.m. Israel had.
Denk erom, Paulus heeft in dit verband nog veel meer gedaan, zoals besnijden van
Timotheus en een gelofte gedaan en op de Pinksterdag was hij in Israel in de
tempel, zijn hoofd kaal geschoren enz.
Maar dit wordt door niemand opgevolgd. Niet zo consequent dus.
En zo zijn we in onze reis door Handelingen terechtgekomen aan het einde van
het boek Handelingen.
Hoe weten wij nu dat het ook werkelijk gestopt is? Dat lezen wij in de brieven
die door Paulus in zijn gevangenschap geschreven zijn na Hand. 28:16 :
"En toen wij te Rome gekomen waren , gaf de hoofdman de
gevangenen over aan den overste des legers; maar aan Paulus werd toegelaten op
zichzelven te wonen met den krijgsknecht, die hem bewaarde"
Vanaf dit moment heeft Paulus een aantal brieven vanuit de gevangenis
geschreven.
De doop ná het boek Handelingen
In de 7 brieven die geschreven zijn vanaf zijn gevangenschap aan het einde
van het boek Handelingen en daarna, lezen wij maar in 2 daarvan over de doop,
namelijk in Efeze en Kolossenzen.
Dat heeft ook een reden. Paulus hoeft daar niet veel meer over te schrijven
aangezien hij dat reeds in zijn eerste brieven heeft gedaan.
En zijn brieven werden gekopieerd en verspreid in alle gemeenten, zodat iedereen
dat zelf kon lezen bestuderen. Precies zoals wij nu de Bijbel hebben.
En vooral de Romeinenbrief die toch het fundament van ons geloof bevat,
namelijk dat geweldige hoofdstuk 6 waarin hij de doop uitvoerig voor ons
uitlegt.
Paulus weet dat en hoeft dat niet nog een keer te doen. In Efeze bijvoorbeeld
lezen wij niets over hoe men gered kan worden, dat wil zeggen, niets over wat de
inhoud is van het evangelie der zaligheid (1:13-14), maar wel in deze verzen
over wat precies de volgorde is en wat de Geest op dat moment doet.
Maar Paulus borduurt verder op hetgeen hij al reeds eerder geleerd heeft in
zijn vorige brieven en in dit geval de Romeinen brief. Efeze spreekt over de
hemelse positie van de Gemeente, het Lichaam van Christus , Zijn verborgen plan
met hun en wat God voor de grondlegging reeds voorbereid had voor dat lichaam.
Maar eerst ga ik naar :
Kolossenzen
"10 En gij zijt in Hem volmaakt , Die het Hoofd is van
alle overheid en macht;
11 In Welken gij ook besneden zijt met een besnijdenis, die zonder handen
geschiedt, in de uittrekking van het lichaam der zonden des vleses, door de
besnijdenis van Christus;
12 Zijnde met Hem begraven in den doop,
in welken gij ook met Hem opgewekt zijt door het geloof der werking Gods, Die
Hem uit de doden opgewekt heeft.
13 En Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws
vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende
14 Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen
bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was , en heeft datzelve uit
het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende;
15 En de overheden en de machten uitgetogen hebbende, heeft Hij die in het
openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerd."(2:10-15)
In vers 10 zegt Paulus dat wij in Christus
volmaakt zijn. Hoe dan? In de volgende verzen staat het antwoord, namelijk dat
wat Christus aan het kruis heeft gedaan voor ons.
Veel mensen weten dat niet. Veel mensen weten net zoveel als die mensen er
toen lijfelijk ooggetuigen van waren. Ze zien het lichamelijke lijden, de pijn,
het bloed enz. ,maar niet de geestelijke kant van wat er aan het kruis gebeurde.
Dus niet dat op dat moment God bezig was de wereld met zichzelf te verzoenen
door Zijn toorn uit te gieten over Zijn Zoon.
Maar hier in Kol. :11-15 staat wat Christus door Zijn dood heeft
bewerkstelligd voor ons. Alleen bij Paulus lezen wij dat, omdat Christus dat
alléén aan hem heeft verteld en niemand anders! Dus de inhoud van het kruis. En
dan zien wij dat de doop een essentieel onderdeel hiervan is en dat is de reden
dat wij dat hier in Kolossenzen vinden.
Paulus spreekt hier over : wát heeft Christus nu aan het kruis
voor ons gedaan? Heel veel! Maar ons gaat het nu om vers 12.
In vers 11 zien wij dat wij besneden zijn! Letterlijk of geestelijk?
U weet het antwoord : geestelijk. Namelijk: zonder handen. En
dat betekent : door de Geest. De vijandige zondige natuur in ons zondige
vlees is mede gekruisigd en gedood aan het kruis.
Vers 12 gaat nog een stapje verder en begint met zijnde. Met
dat woordje zijnde verklaart hij vers 11 dat wij in de doop
óók met Hem zijn opgestaan. Dus de doop is tot en
met de opstanding, de besnijdenis niet.
Welnu, als de besnijdenis geestelijk is , dan óók de doop.
Als de besnijdenis zonder handen geschiedt door de Geest, dan óók de doop.
Christus is twee keer besneden:
- Toen Hij acht dagen oud was
- Aan het kruis, toen Hij stierf toen Hij ± 33 jaar oud was
Christus is ook twee keer gedoopt :
- 1.Door Johannes de Doper
- Aan het kruis toen Hij stierf
Wij gelovigen zijn in Christus.
Dus zijn wij gééstelijk in Hem besneden
in Zijn dood.
Dus zijn wij gééstelijk in Hem gedoopt in
Zijn dood
Halleluja, prijst de Here, want u ziet : Hij heeft
álles, maar dan ook
álles voor ons
gedaan en overwonnen aan het kruis en geen doop kan daar iets aan toevoegen.
Integendeel het maakt het kruis onzichtbaar en krachteloos.
Daar spreekt Paulus hier in Kolossenzen over.
En dan als laatste, en dat is ook ook in de chronologische volgorde van de
brieven waarin zij geschreven zijn , de Efeze brief.
Efeze
Paulus is daar, zoals altijd, heel duidelijk in.
Hij zegt nu, ter afsluiting, voor wat de doop betreft, in Efeze
4, de laatste brief waarin hij de doop noemt:
"3 U benaarstigende te behouden de enigheid des Geestes
door den band des vredes.
4 Eén lichaam is het, en één Geest, gelijkerwijs gij ook geroepen zijt tot één
hoop uwer roeping;
5 Eén Heere, één geloof, één doop ,
6 Eén God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en
door allen , en in u allen"
Over de doop hoeft hij niets meer uit te leggen, behalve één ding, namelijk
dat er nu in deze Bedeling der Genade, waarin wij nu leven (Ef. 3;2) nog maar
één doop is. Dus de doop met water is nu geheel afgeschaft. Ook als getuigenis
naar, maar ook tegen Israel is het nu niet meer in gebruik.
En dat zegt Paulus niet zomaar. Het heeft alles met de openbaring van de
verborgenheid aan hem te maken. Deze is geleidelijk aan hem geopenbaard in
diverse openbaringen door de Here Jezus aan hem (2 Kor.12:1).
Maar als hij de Efeze brief schrijft is de openbaring van Gods genade ten volle
bekendgemaakt. Er is niets meer ten dele, zoals wij in 1 Kor.13 kunnen
zien :
" 9 Want wij kennen ten dele, en wij profeteren ten
dele;
10 Doch wanneer het volmaakte zal gekomen zijn , dan zal hetgeen ten dele is, te
niet gedaan worden."
Paulus en wij in de brief zijn nu ingewijd in alle
wijsheid (Ef.1:8). Het volmaakte is gekomen. De openbaring van de verborgenheid
is nu ten volle geopenbaard aan Paulus.
De tekenen die er nog waren voor het volk Israel zijn nu volledig verdwenen.
Israel is op de hoogte gebracht van hun val (Rom.11:11-12) en Paulus hoeft nu
niet meer eerst naar de Joden te gaan want :
" Want gij, broeders, zijt navolgers geworden der
Gemeenten Gods, die in Judea zijn, in Christus Jezus ; dewijl ook gij hetzelfde
geleden hebt van uw eigen medeburgers, gelijk als zij van de Joden;
Welke ook gedood hebben den Heere Jezus , en hun eigen profeten; en ons hebben
vervolgd, en Gode niet behagen , en allen mensen tegen zijn;
En verhinderen ons te spreken tot de heidenen, dat zij zalig mochten worden;
opdat zij te allen tijd hun zonden vervullen zouden. En de toorn is
over hen gekomen tot het einde." 1 Thess.2:14-16
Reeds in zijn vroege Thessalonicenzen brief schrijft Paulus dat de toorn over
Israel gekomen was. Dat wil zeggen, over het volk. Maar ze hebben geen
excuus dat ze niet nog een kans gekregen hebben of dat ze niet zouden weten dat
er een verandering van Gods plan heeft plaatsgevonden, want Paulus heeft hun
allemaal bezocht.
Terug naar Efeze 4:5, waar Paulus zegt één doop:
"3 U benaarstigende te behouden de enigheid des Geestes
door den band des vredes.
4 Eén lichaam is het, en één Geest, gelijkerwijs gij ook geroepen zijt tot één
hoop uwer roeping;
5 Eén Heere, één geloof, één doop
,
6 Eén God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en door allen , en in u
allen"
De één doop staat hier in een bepaalde context, namelijk midden tussen de
zeven éénheden van de Geest die allen tezamen een éénheid vormen. Een 7-voudige
éénheid dus.
Dat wil dus ook zeggen dat als er een eenheid weggehaald wordt dat dan de totale
7-voudige éénheid doorbroken en weg is. Deze eenheid vormt de band des vredes
die de gelovigen dan hebben.
Let op! Er staat niet dat wij aan die eenheid en de band des vredes moeten
werken en proberen te behouden. Nee, want die eenheid is er namelijk al door God
aan ons gegeven in deze 7 éénheden.
Dáár ligt onze éénheid en Paulus roept ons in vers 3 ons te beijveren
om deze éénheid te bewaren (bewaken) en niet beijveren om het te krijgen.
Deze 7-voudige éénheid zijn namelijk de leerstellige waarheden die wij moeten
vasthouden voor de opbouwing en leerstellige stabiliteit van het Lichaam van
Christus.
Ze zijn allemaal geestelijk in zich en hebben betrekking op
onze positionele zegeningen in Christus. Dat betekent dus dat de één doop hier
ook een geestelijke is. Het zou toch vreemd zijn als tussen deze geestelijke
éénheden van de Geest er één ceremoniële zou zitten die met handen geschiedt.!!
Nee, deze doop is ook een geestelijke zegening die te maken heeft met onze
identificatie met het Lichaam van Christus. En dat was toen wij werden geplaatst
in Christus en deelnamen in al de zegeningen in deze passage.
In het kort leg ik ze voor u uit:
Éen lichaam - in welke wij allen verenigd zijn
Éen Geest - welke in een ieder van ons woont
Éen hoop - waarin het gehele Lichaam zal worden opgenomen in
heerlijkheid
Één Heere - onze opgestane, verheerlijkte Hoofd
Één geloof – het stelsel van waarheden dat alle gelovigen verenigt
in deze B.der Genade
Één doop – welke is het goddelijke middel voor toegang in
deze positie in Christus
Één God en Vader van allen, Die daar is boven allen, en door allen
, en in u allen.- en dat is vanwege deze doop door de
Heilige Geest en niet met water door mensen handen.
U ziet dat ze allemaal in relatie met elkaar staan en zij allen deel uitmaken
van een uniek programma voor deze Bedeling der Genade.
Gaat u een van deze waarheden weghalen of veranderen dan is de eenheid en
daarmee ook de band van de vrede weg.
Zie daar de huidige situatie van het Lichaam van Christus! Al 2000 jaar lang!
Dát is er precies aan de hand in het lichaam van Christus vandaag.
Want men heeft de doop tot een ceremonie gemaakt en er is op geen punt zoveel
strijd en onenigheid (geen éénheid dus van de Geest) en
onvrede ( geen vrede dus) als op dit punt.
In de Korinthe brief begint Paulus in feite vrijwel gelijk met het behandelen
van dit punt, want bij de Korinthiers was er ook strijd over. Er was een
heleboel aan de hand in Korinthe:
Hoofdstuk 1 - Partijschappen
Hoofdstuk 2 - Paulus besluit zijn prediking te beperken tot het kruis en
niet meer
Hoofdstuk 3 - Vleselijkheid
Hoofdstuk 4 - Hoogmoedigheid- roemen tegen Paulus
Hoofdstuk 5 - Ontucht
Hoofdstuk 6 - Rechtzaken onder elkaar, hoererij
Hoofdstuk 13 - Geen liefde, opgeblazenheid
Hoofdstuk 15 - Ontkenning van de opstanding
Stel u voor: Als wij deze ernstige zaken zouden weten en wij hierover een
brief moesten schrijven om hun te vermanen en u zou met de ernstigste
zonde willen beginnen, welke uit dit rijtje zou u dan nemen? U mag er zelf één
uitkiezen. Hoererij bijvoorbeeld is toch wel een heel ernstige zaak!
Maar waar begint Paulus mee?
Juist, met de waterdoop. Dé
oorzaak van al deze problemen. Deze was een belangrijk religieus ritueel
geworden en daardoor was de prediking van het kruis naar achteren geraakt en
stelden zij hun vertrouwen dáárin in plaats van het kruis zelf. Met als gevolg
dat de kracht van het kruis daardoor weg was.
Zij maakten de ceremonie van de doop tot het belangrijkste van hun geloof.
Exact hetzelfde wat nu in de gemeenten ook het geval is. Maar Paulus dankt God
dat hij bijna niemand gedoopt heeft.
"14 Ik dank God, dat ik niemand van ulieden gedoopt
heb, dan Krispus en Gajus";
De doop met water had de plaats ingenomen van de prediking van het kruis.
Terwijl de geestelijke doop juist het kruis verkondigt.
Zou Petrus God ook gedankt hebben dat hij maar zo weinig gedoopt heeft.? Nee!
Petrus en de 12 hadden op Pinksteren 3000 mensen die gedoopt waren! (Hand. 2:41)
Het moesten er zoveel mogelijk zijn. Later werden het er 5000, alleen de mannen
gerekend, dus met de vrouwen en kinderen meegerekend, was het getal nog vele
malen groter.
Maar dit was nóg niet genoeg, want Israel moest als volk zich bekeren en dat
gebeurde niet.
Maar Paulus had er maar een paar gedoopt in de minimaal anderhalf jaar
(zie Hand.18:11) dat hij daar was. Voorwaar, geen opmerkelijke prestatie als je
dat vergelijkt met 12 apostelen die er 3000 doopten op één dag!
En toch zegt Paulus dat hij ze niet meer doopt.
Maar bij Petrus hoor je nergens dat hij stopte omdat ze zeiden dat hij in
zijn naam doopte. Die waterdoop wás toen namelijk dé doop die gedoopt moest
worden.
Dus bij Petrus gold:
"Hoe méér, hoe beter"
Maar bij Paulus niet zo. Die doopte vanwege de Joden in de synagoge naast hun
(zie Hand.18:7), maar toen hij zag dat de rite van de waterdoop voor hen de
belangrijkste plaats innam, stopte Paulus, want hij zag dat ze de kracht van het
kruis niet meer zagen. Paulus’ redenering was toen juist:
"Hoe mínder, hoe beter"
"17 Want Christus heeft mij niet gezonden, om te dopen,
maar om het Evangelie te verkondigen; niet met wijsheid van woorden, opdat het
kruis van Christus niet verijdeld worde"
De doop met water elimineert het kruis van Christus! Dat wil zeggen, doop met
water die mijn eenheid met Christus "zogenaamd" versymboliseert (wat op zich al
niet klopt. Christus is namelijk niet begraven in water!), deze doop
ontkracht het kruis.
Waterdoop "symboliseert" zogenaamd iets wat werkelijk plaats heeft gevonden.
Dus wordt de kracht ook versymboliseerd!!!
En een symbool is geen werkelijkheid, maar een beeld van het origineel. Net
als een foto dat is. Maar de werkelijkheid is altijd sterker, beter, krachtiger
en mooier dan de verbeelding ervan.
En dat was Paulus zich heel goed bewust, toen hij zag dat de Korintiërs deze
rite tot het belangrijkste van hun geloof maakten en er daardoor ook de éénheid
weg was.
"Maar ik bid u, broeders, door den Naam van onzen Heere
Jezus Christus , dat gij allen hetzelfde spreekt, en dat onder u geen
scheuringen zijn , maar dat gij samengevoegd zijt in eenzelfden zin, en in een
zelfde gevoele
Want mij is van u bekend gemaakt , mijn broeders, door die van het huisgezin van
Chloe zijn, dat er twisten onder u zijn. " 1 Kor.1:10-11
Door de waterdoop valt er een sluier over het kruis. Men ziet het niet meer
als de énige kracht voor de gelovige in het leven, maar stellen hun vertrouwen
in de wijsheid van mensen en niet op het Woord zelf.
En daarom is Paulus gestopt bij de Korintiërs met deze doop en zegt hij later
in hoofdstuk 12:13 dat het om de doop door de Heilige Geest gaat en daarna in
hoofdstuk 13 dat de waterdoop onderdeel is van het ten dele.
"18 Want het woord des kruises is wel dengenen, die
verloren gaan, dwaasheid; maar ons, die behouden worden, is het een kracht Gods"
Maar diegenen die accepteren wat God zegt in Zijn Woord en dus de één doop,
die zullen wél de kracht van het kruis ervaren, omdat de de doop in de dood van
Christus voor hun een werkelijkheid is en geen symbool Voor hun is er géén
verwarring en onenigheid en onvrede maar de éénheid van de Geest en de band des
vredes.
Niet een zogenaamde éénheid die door mensen gemaakt, zoals kerken die zich
noemen naar de waterdoop, of kerken die zich noemen naar de Reformatie, of een
evangelische kerk die in de naam verwijst naar Pinksteren en zo kunnen wij wel
even doorgaan. Allemaal hebben ze hun eigen wijsheid van woorden en hun eigen
theorie over de doop, maar géén éénheid van de Geest, omdat ze niet accepteren
de glorieuze waarheid van de één doop voor het Lichaam van Christus voor vandaag
in deze Bedeling der Genade.
Dus wat hebben wij in onze reis in het boek Handelingen gezien betreffende de
doop?
Een hele grote verandering van Gods handelen met de mensheid door de Heilige
Geest.
In Handelingen zien wij de volgende verandering:
Dopen met water en daarna de Heilige Geest
ontvangen
De Heilige Geest ontvangen en daarna de doop met
water
De Heilige Geest ontvangen zónder de doop met
water
En dan nu aansluitend:
Nog even dit….
Twee vragen die zouden kunnen ontstaan :
1. Is Israel is nu voorgoed verdwenen uit Gods plan ?
Antwoord: Nee !
Misschien heeft u de indruk dat Israel nu dus ook helemaal weg is in het
programma van
God. Niets is minder waar!!!!
Vóórdat de Bedeling der Genade begon bij de bekering van Paulus was het volk
Israel geroepen om God te dienen. Echter vanwege hun ongeloof, heeft God Israel
tijdelijk opzij
gezet. Als deze Bedeling der Genade afgelopen is, zal Israel weer teruggebracht
worden in de bevoorrechte positie die ze eerst ook hadden, maar nu zijn ze
verworpen onder de heidenen.
Als Israel God gehoorzaamde en Hij hun zegende, dan zouden de andere volken
hun vrezen omdat zij dan wisten dat Israels God is de enige ware God Die zowel
over de hemel als de aarde regeert. (Deut.28:9-10; Jozua 2:8-11).
In het 1000 jarig Koninkrijk op aarde zal het gehele volk Israel de
priesters des HEEREN worden genoemd (Jes.
61:6)en over de gehele wereld worden herkend en erkend als Gods dienaars in hun
bediening naar de heidenen toe (Jes.61:6,9,11; 44:14; Zach.8:20-23).
Maar uiteraard is Israel nog niet gemanifesteerd als Gods dienaars, omdat de
leiders van het volk Jezus Christus verwierpen als hun Messias, wat resulteerde
in de interruptie van het geprofeteerde Koninkrijks programma.
In plaats dat de 7-jarige Grote Verdrukking toen begon, zette God Israel
tijdelijk opzij
en laste de Bedeling der Genade in, waarin wij, door Zijn barmhartigheid en
lankmoedigheid, nu 2000 jaar later vandaag in leven.
Maar " de genadegiften en de roeping Gods zijn
onberouwelijk. "(Rom.11:29). Hieraan weten wij dat God Zijn Verbonds
beloftenissen aan Israel niet ingetrokken heeft., maar ze eenmaal zal vervullen
in hun.
Straks, na de Bedeling der Genade, zal "de
Dag des HEEREN" komen en Christus zal dan terugkeren op aarde om Zijn
rechtvaardige regering te vestigen en regeren over de gehele aarde. 1000 jaar
zal Hij de aarde regeren met een verlost Israel Hem dienende als een volk van
priesters.
In de door God ingelaste tussentijd, die de Bedeling der Genade heet, behoort
de verantwoordelijkheid om God te dienen bij de Gemeente, het Lichaam van
Christus, welke bestaat uit joden en heidenen.
Hun bestemming is uiteindelijk in het hemelse koninkrijk en niet op aarde. Dat
heeft met Gods plan te maken (Ef.1:10), waar wij nu deel van uitmaken.
Totdat deze Bedeling afgelopen is en Christus de gelovigen op komt halen in de
lucht (1 Thess. 4:13-18). En dan gaat het programma van God weer verder met het
volk Israel, daar waar het bij de steniging van Stefanus gestopt is .
Uiteindelijk zal God alles en in allen zijn (1 Kor.15:28), zowel in de hemel
als op de aarde (Op.21). Dan leven alle verloste gelovigen in alle eeuwigheid in
een nieuwe hemel (wij, het Lichaam van Christus) en op een nieuwe aarde (Israel
en de heidenen) waarin gerechtigheid heerst.
2. Kan de waterdoop dan vergeving schenken?
Antwoord :
Nee!
Maar, het was wel een vereiste voor Israel als uitdrukking van hun
gehoorzaamheid. Het gaat in de Bijbel bij God altijd
om geloof. Abraham geloofde God en het werd hem gerekend tot
rechtvaardigheid. Maar geloofde hij hetzelfde als wij? Dus dat Christus stierf
voor zijn zonden? Nee, het ging over zijn nageslacht dat hem beloofd werd en hij
geloofde God op Zijn woord, omdat hij :
".. ten volle verzekerd zijnde, dat hetgeen beloofd
was, Hij ook machtig was te doen".
Dus :
"Daarom is het hem ook tot rechtvaardigheid gerekend"
Rom.4:21-22
De moordenaar aan het kruis geloofde ook niet wat wij nu geloven en toch ging
hij mee het paradijs in. Was hij gedoopt? Nee, dat kon ook niet, maar als het
wel had gekund zou hij het gedaan hebben.
En wat zou een ongelovige doen? Zich niet laten dopen.
Dat zien wij heel goed bij de doop van Johannes:
"En al het volk, Hem horende, en de tollenaars, die met
den doop van Johannes gedoopt waren, rechtvaardigden God.
Maar de Farizeen en de wetgeleerden hebben den raad Gods tegen zichzelven
verworpen, van hem niet gedoopt zijnde"Lukas 7:29-30
Die naar Johannes luisterden als een profeet van God en hem geloofden dat hij
namens God sprak, die lieten zich dopen, maar die dat niet geloofden lieten zich
niet dopen.
Dat is precies wat Christus tegen de 12 zegt in Markus 16:16-17 :
"En Hij zeide tot hen: Gaat heen in de gehele wereld,
predikt het Evangelie aan alle kreaturen.
Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn , zal zalig worden; maar die niet
zal geloofd hebben, zal verdoemd worden."
Die geloofd zal hebben, en gedoopt zal zijn , zal zalig worden - Je
gelooft en laat je dopen en dan word je zalig.
..maar die niet zal geloofd hebben, zal verdoemd worden - Hier
staat alleen geloofd zonder dopen, want iemand die niet gelooft
laat zich ook niet dopen.
Waterdoop is gerelateerd aan redding en vergeving van zonden bij Israel.
Redding was zonder meer alleen door geloof, maar de waterdoop was een zichtbare
uiting van hun geloof dat door God vereist werd als een voorbereiding van hun
toekomstige priesterschap voor deze wereld.
Israel moet zichtbare tekenen zien (1 Kor.1:22)
Zoals wij al eerder al zagen, moest Israel gereinigd worden van hun
zonden en vuiligheid en hun overspel met vreemde goden en daarna de Heilige
Geest van het Nieuwe Verbond:
"Dan zal Ik rein water op u sprengen , en gij zult rein
worden; van al uw onreinigheden en van al uw drekgoden zal Ik u reinigen.
En Ik zal u een nieuw hart geven, en zal een nieuwen geest geven in het
binnenste van u; en Ik zal het stenen hart uit uw vlees wegnemen, en zal u een
vlesen hart geven.
En Ik zal Mijn Geest geven in het binnenste van u; en Ik zal maken, dat gij in
Mijn inzettingen zult wandelen, en Mijn rechten zult bewaren en doen".
Ezech.36:25-27
Zie ook Jer.31:31-33.
Dus Israel moest met water gedoopt worden als hun inwijding in het
priesterschap, een symbolische reiniging dus. Dit verklaart waarom al het
volk tot de doop van Johannes kwam en zich lieten dopen.
Maar nogmaals water op zich kan geen zonden vergeven, maar het was een
uitdrukking van geloof.
"Want het is onmogelijk, dat het bloed van stieren en
bokken de zonden wegneme". Heb.10:4
"…………………………………. en zonder bloedstorting geschiedt geen
vergeving". Heb.9:22
Dierenbloed kon en kan dit niet, alleen het bloed van Christus.
Oceanen vol met water kunnen dit ook niet, alleen het bloed van Christus en
zó kregen ze de vergeving, maar het is pas bij Paulus, dat dat geopenbaard
wordt:
"En worden om niet gerechtvaardigd, uit Zijn genade,
door de verlossing, die in Christus Jezus is;
Welken God voorgesteld heeft tot een verzoening, door het geloof in Zijn bloed,
tot een betoning van Zijn rechtvaardigheid, door de vergeving der
zonden , die te voren geschied zijn onder de verdraagzaamheid Gods;
Tot een betoning van Zijn rechtvaardigheid
in dezen tegenwoordigen tijd; opdat Hij rechtvaardig
zij, en rechtvaardigende dengene, die uit het geloof van Jezus is" Rom.3:24-26
De zonden van al die mensen die in het Oude Testament dieren hadden geofferd
voor de vergeving van zonden en de zonden van al die mensen die zich hadden
laten dopen met water onder Johannes en de 12 werden in werkelijkheid alléén
vergeven op basis van het bloed van Christus.
God kon dat doen, omdat zij Hem gehoorzaamden in geloof. Hadden ze in het
Oude Testament gehoord van Christus als hun Verlosser en door Zijn bloed allen
vergeving was, dan hadden ze Christus aangenomen en geen dieren geofferd.
Zo ook nu er van de mens gevraagd wordt alleen te geloven zonder ook maar één
werk te doen, zonder doop, zalig wordt door het bloed van Christus:
"Nu dengene, die werkt, wordt het loon niet toegerekend
naar genade, maar naar schuld.
Doch dengene, die niet werkt,
maar gelooft in Hem, Die den goddeloze rechtvaardigt, wordt zijn geloof gerekend
tot rechtvaardigheid." Rom.4:4-5
....zo zal de gelovige ook alleen zijn vertrouwen stellen in het volbrachte
werk van Christus aan het kruis. Dat is wat Paulus als de apostel der heidenen
ons nu leert.
a. Niet dat de waterdoop niet Bijbels zou zijn, want dat is het wél.
b. Niet dat de waterdoop niet volgens de bedelingen zou zijn, want dat is het
wél.
c. Niet dat de Bijbel niet de wil van God zou zijn, want dat is het wél.
De oorzaak van het probleem dat men in verwarring is, waarin het één het
gevolg is van het ander ligt in het volgende:
Men ziet de aparte bediening van Paulus niet, nl. dat hij de apostel van de
heidenen is.
Óf omdat men het niet weet, omdat het hun niet geleerd is.
Óf omdat men het weet, maar niet wíl weten en hen dus niet erkent
als hun apostel.
Maar Paulus roept in zijn laatste brief (dus de Bijbel is dan helemaal
compleet) de gelovigen op het Woord der Waarheid recht te snijden. (2 Tim.2:15).
Dat wil zeggen dat wij de Bijbel op de juiste manier moeten verdelen. Dus wat
is voor mij als lid van het Lichaam van Christus en wat is voor Israel. Als men
dat onderscheid weet te maken, dan gaat men niet meer alles op zichzelf
toepassen, maar alleen datgene wat voor hun is, namelijk de brieven van Paulus.
En dan zien wij dat a, b en c allemaal waar is en Bijbels, voorwaar zeer
belangrijk, maar op de alleréérste plaats gaat het
erom of het in deze bedeling hoort. En dan is het antwoord : Nee.
Als men het Woord niet recht snijdt is het volkomen onduidelijk wat u nu wel
of niet moet gehoorzamen en daardoor begrijpt men ook de doop niet.
Sterker nog, de waterdoop geeft een bedekking op de verkondiging van het
kruis. Er komt een bedekking op. Men ziet het niet en men weet en begrijpt het
niet. Net zoals mensen die nog onder de prediking van de wet zijn een bedekking
op hun hart hebben en zo iet de heerlijkheid van Christus zien:
"Maar hun zinnen zijn verhard geworden ; want tot op
den dag van heden blijft hetzelfde deksel in het lezen des Ouden Testaments,
zonder ontdekt te worden , hetwelk door Christus te niet gedaan wordt .
Maar tot den huidigen dag toe, wanneer Mozes gelezen wordt, ligt een deksel op
hun hart.
Doch zo wanneer het tot den Heere zal bekeerd zijn, zo wordt het deksel
weggenomen
Doch zo wanneer het tot den Heere zal bekeerd zijn, zo wordt het deksel
weggenomen .
De Heere nu is de Geest; en waar de Geest des Heeren is, aldaar is vrijheid.
En wij allen, met ongedekten aangezichte de heerlijkheid des Heeren als in
een spiegel aanschouwende, worden naar hetzelfde beeld in gedaante veranderd,
van heerlijkheid tot heerlijkheid, als van des Heeren Geest".
2 Kor.3:14-16
Die vernieuwing en verandering, de heerlijkheid des Heeren aanschouwen van
heerlijkheid tot heerlijkheid, dat gebeurt alleen als wij met een ongedekt
gezicht in die spiegel kijken.
En die spiegel is nu voor ons de Bijbel, maar dan vanuit de brieven van Paulus
op de eerste plaats.
Als u dat niet doet, heeft u een bedekking. Dan eigent men zich de waterdoop
toe met als resultaat een bedekking op het hart, waardoor de glorie, de
heerlijkheid van het kruis versluierd en bedekt is en er niet meer alleen in het
kruis geroemd wordt, maar in de wijsheid van mensen en woorden en in het
ritueel.
En er is maar één die hier belang bij heeft dat en dat is satan. Want het
woord des kruises is een gruwel voor hem. Hij haat de prediking van het kruis.
Dit is namelijk de openbare nederlaag van satan, die hij zelf bewerkstelligd
heeft
"En de overheden en de machten uitgetogen hebbende,
heeft Hij die in het openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen
getriomfeerd". Kol.2:15
Dat is de verkondiging van het kruis en dat is een ramp voor satan als dat
verkondigd wordt, want hij heeft het zelf uitgevoerd:
"En wij spreken wijsheid onder de volmaakten; doch een
wijsheid, niet dezer wereld, noch der oversten dezer wereld , die te niet
worden;
Maar wij spreken de wijsheid Gods, bestaande in verborgenheid, die bedekt was ,
welke God te voren verordineerd heeft tot heerlijkheid van ons, eer de wereld
was;
Welke niemand van de oversten dezer wereld gekend heeft; want indien zij ze
gekend hadden, zo zouden zij den Heere der heerlijkheid niet gekruist hebben". 1
Kor.2:6-8
En zo probeert hij deze prediking tegen te houden, cq. te verduisteren door
verkeerde prediking , verkeerde leringen door verkeerde mensen, door dienaren
van hem: satan.
"Want zulke valse apostelen zijn bedriegelijke
arbeiders, zich veranderende in apostelen van Christus.
En het is geen wonder; want de satan zelf verandert zich in een engel des
lichts.
Zo is het dan niets groots, indien ook zijn dienaars zich veranderen, als waren
zij dienaars der gerechtigheid; van welke het einde zal zijn naar hun werken". 2
Kor.11:13-15
En helaas, zijn dienaren zijn mensen die met de Bijbel komen, predikers van
het woord, waardoor de mensen bedrogen worden:
"Opdat wij niet meer kinderen zouden zijn , die als
de vloed bewogen en omgevoerd worden met allen wind der leer,
door de bedriegerij der mensen, door arglistigheid, om
listiglijk tot dwaling
te brengen"; Ef.3:14
En daarom is de doop het allerheetste hangijzer bij de gelovigen. De
prediking van het kruis is in het geding.
Wat wilt u? Het kruis zien zoals 2000 jaar geleden de mensen Hem met hun eigen
ogen zagen hangen met alle pijn en verschrikking?
Dat kan door de waterdoop.
Dan ziet u namelijk evenveel als de getuigen van toen, namelijk de fysieke
kant van Zijn sterven.
En u weet dan misschien wel dat Hij voor uw zonden gestorven is en dat u
verzoend bent door Zijn dood. En dat wij juist in Zijn dood roemen.
Maar van wie weet u dat? Dat leest u alleen bij Paulus. Nergens in de
Evangeliën leest u dat Christus naar de wereld kwam om mijn zonden (ik heiden)
door Zijn dood te verzoenen met God.
Maar gelovigen die de één doop hebben geaccepteerd en daarvoor staan, zien de
heerlijkheid van het kruis en zien de heerlijkheid in het aangezicht van
Christus zonder enige bedekking en willen daardoor nog maar in één ding roemen ,
namelijk: het Kruis alleen, want alleen daar zit de kracht en de wijsheid
voor ons:
"Maar hun, die geroepen zijn, beiden Joden en Grieken,
prediken wij Christus , de kracht Gods, en de wijsheid Gods " 1 Kor.1:24
Dus in het kruis vinden wij de kracht Gods en de wijsheid Gods. De waterdoop
vervangt dit door krachteloosheid en de wijsheid van mensen, waardoor de zonde
heerschappij in mij blijft voeren:
Krachteloosheid:
"Dit wetende, dat onze oude mens met Hem gekruisigd
is ( door de doop in Zijn dood, niét in water-JS)
opdat het lichaam der zonde te niet gedaan worde, opdat
wij niet meer de zonde dienen."
Dat dan de zonde niet heerse in uw sterfelijk lichaam, om haar te gehoorzamen in
de begeerlijkheden deszelven lichaams.
Want de zonde zal over u niet heersen ; want gij zijt niet onder de wet, maar
onder de genade". Rom. 6:6,12,14
Dus géén overwinning over de zonde die nog steeds in mij woont, de oude
zondige natuur, datgene wat in vijandschap met God is (Rom.7:17), Hoewel ik in
positie geestelijk door de doop in Zijn dood met Hem gestorven, gegraven en weer
opgestaan ben en daardoor verlost ben van ál mijn zonden!!
Ik ben een nieuw schepsel, levend voor God en dood voor de zonde
"Indien wij nu met Christus gestorven zijn, zo geloven
wij, dat wij ook met Hem zullen leven;
Wetende, dat Christus, opgewekt zijnde uit de doden, niet meer sterft ; de dood
heerst niet meer over Hem.
Want dat Hij gestorven is, dat is Hij der zonde eenmaal gestorven; en dat Hij
leeft, dat leeft Hij Gode.
Alzo ook gijlieden, houdt het daarvoor dat gij wel der zonde dood zijt ,
maar Gode levende zijt in Christus Jezus, onzen Heere."
Rom. 6:8-11
Dus omdat ik weet dat ik
voor God dood ben voor de zonde en levend voor Hem, moet ik het elke dag
daarvoor ook zo houden.
Ik ben dus zo, omdat het
Woord dat zegt. Ik lees het, daardoor wéét ik het en dan geloof ik het. En
daardoor kan ik het nu daarvoor houden voor mijzelf. Het weten is zeer
belangrijk hier.
En dat kan alleen als u de doop in Zijn
dood letterlijk neemt, dan wéét u namelijk dat u net zo levend en zonder
zonde bent als de Here Jezus Zelf.
En aangezien Hij nooit meer zal sterven, zo weet ik dat ik ook nooit meer zal
sterven, cq. verloren ga. Want ik ben zonder zonden mét Hem opgestaan uit de
dood.
Ál mijn zonden zijn in het graf
achtergebleven voor eeuwig. (Ef.1:7; 4:32; Kol.1:14; 2:13; 3:13)
Zó ééngemaakt ben ik met Hem door de doop. Dát is de doop door de Heilige Geest.
Wijsheid van mensen:
"8 Want het woord des kruises is wel dengenen, die
verloren gaan, dwaasheid; maar ons, die behouden worden, is het een kracht Gods;
19 Want er is geschreven: Ik zal de wijsheid der wijzen doen vergaan, en het
verstand der verstandigen zal Ik te niet maken .
20 Waar is de wijze? Waar is de schriftgeleerde ? Waar is de onderzoeker dezer
eeuw? Heeft God de wijsheid dezer wereld niet dwaas gemaakt?
21 Want nademaal, in de wijsheid Gods , de wereld God niet heeft gekend door de
wijsheid, zo heeft het Gode behaagd , door de dwaasheid der prediking, zalig te
maken, die geloven"
Het kruis is in de ogen van de wereld een dwaasheid. De Korintiërs waren gek
op de wijsheid van de wereld. Dat wil zeggen, geestelijke zaken door menselijke
wijsheid uit willen leggen en verklaren, i.p.v. het geschreven Woord van God.
Kijkt u maar wat een verschillende leringen en uitleggingen zijn betreffende
de waterdoop. Maar ook bijvoorbeeld over eeuwige redding, over uitverkoren zijn,
over avondmaal, over de Gemeente en Israel, over de werking van de Heilige
Geest, over aannemen van het Evangelie of niet. Boeken en boeken zijn er over
geschreven en vol met menselijke wijsheid, omdat men de doop tot een ritueel
heeft gemaakt.
En aangezien 99% van het Lichaam van Christus dit doet, is de prediking van
het kruis ontkracht en door wijsheid van mensen vervangen. Het is een
geloof plus geworden en niet geloof in het kruis alléén.
En dat is precies wat wij in religie vinden, die allemaal een waterdoop in
hun programma hebben.
Religie is geen vriend van de prediking van het kruis, want alle mensen werk is
uitgesloten door het kruis.
Religie is daarom ook geen vriend van de prediking van de brieven van Paulus met
het Evangelie de Genade Gods, want daarin neemt het kruis alleen de centrale
plaats in en niet de mens.
In de gekruisigde Christus hebben wij alles vrijelijk gekregen wat wij nodig
hadden:
"30 Maar uit Hem zijt gij in Christus Jezus, Die ons
geworden is wijsheid van God, en rechtvaardigheid, en heiligmaking, en
verlossing;
31 Opdat het zij, gelijk geschreven is : Die roemt, roeme in den Heere"
Wij hoeven en kunnen daarom helemaal niets doen, behalve één ding en dat is
roemen in Hem alleen!
"Maar het zij verre van mij, dat ik zou roemen, anders
dan in het kruis van onzen Heere Jezus Christus; door Welken de wereld mij
gekruisigd is, en ik der wereld.
Want in Christus Jezus heeft noch besnijdenis enige kracht, noch voorhuid, maar
een nieuw schepsel". Gal.6:14-15
Voor Hem zij de Glorie!
www.GenadeBijbel.nl
Deze
studie is eventueel ook te lezen en/of uit te printen in

Als u deze studie niet kunt openen, dan kunt u
hier gratis Adobe
Acrobat Reader downloaden.
|