“Gedenk den
sabbatdag, dat gij dien heiligt”. Exodus
20:8
Door
Richard
Jordan
Shorewood Bible Church Chicago
Toen ik pas langs de grote weg reed werd mijn aandacht
getrokken door een groot bord waar op stond:
Zondagviering = het teken
van het beest
Zaterdagviering = de ware
sabbat
Door de kerkgeschiedenis heen is dit een veel besproken
vraag:
Is de sabbat op zaterdag of is het op zondag? Moeten we
naar de kerk gaan op zaterdag? Moeten we de sabbat houden als een heilige dag?
Of moeten we ons helemaal geen zorgen maken over de sabbat?
Sommigen hebben deze vraag proberen te beantwoorden door te
verklaren dat de zondag de “christelijke sabbat” is.
Maar wanneer heeft God de
sabbat van de zevende dag naar de eerste dag van de week verzet? En heeft Hij
dat wel gedaan? Wie heeft precies de sabbat “christelijk”gemaakt?
God zeker
niet! De sabbat was gegeven aan het volk Israël als een speciale bezitting.
Exodus 31:17 is duidelijk over de sabbat: “Hij zal tussen Mij en tussen de
kinderen Israels een teken in eeuwigheid zij”.
Aan de andere kant verklaart de apostel Paulus:
“Dat
u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feest dags, of
der nieuwe maan, of der sabbatten. “Welke zijn een schaduw der toekomende
dingen, maar het lichaam is van Christus.” (Kol.2:16,17)
“Gij
onderhoudt dagen, en maanden, en tijden, en jaren. “Ik vrees voor u, dat ik niet
enigszins tevergeefs aan u gearbeid heb.” (Galaten 4:10,11)
“De
een acht wel den enen dag boven den anderen dag; maar de ander acht al de dagen
gelijk. Een iegelijk zij in zijn eigen gemoed ten volle verzekerd.” (Romeinen
14:5)
Hoe kunt u “al de dagen gelijk achten” als u Exodus 20:8
moet gehoorzamen?
Dat kan niet!
Dus u heeft een verklaring nodig waarom het éne gedeelte
zegt dat u de sabbat moet houden en een ander gedeelte zegt dat u de sabbat niet
hoeft te houden.
Ten eerste moet u erkennen dat de Bijbel deze instructies
beiden bevat. Pogingen om deze gedeeltes weg te verklaren doen geen recht aan
Gods Woord, lees wat er staat en behandel Gods Woord eerlijk.
Het antwoord op de vraag over de sabbat is opnieuw een
bedelingsantwoord.
De Bijbel gebruiken zonder “het Woord der waarheid recht te
snijden”( 2 Timotheus 2:15) geeft verwarring en verduistert de wonderlijke
waarheid die in de leer van de sabbat zit.
HET VIERDE GEBOD
In Exodus 20 wordt het belang van de sabbat duidelijk
uiteengezet voor het volk Israël. Er is geen twijfel over de oorsprong of wat de
sabbat precies was toen God de sabbat gaf. Door de hand van Mozes zei God tegen
Israël:
Gedenkt den sabbatdag, dat gij dien heiligt. Zes dagen zult gij arbeiden en al
uw werk doen; Maar de zevende dag is de sabbat des HEEREN uws Gods; dan zult gij
geen werk doen, gij, noch uw zoon, noch uw dochter, noch uw dienstknecht, noch
uw dienstmaagd, noch uw vee, noch uw vreemdeling, die in uw poorten is; Want in
zes dagen heeft de HEERE den hemel en de aarde gemaakt, de zee en al wat daarin
is, en Hij rustte ten zevenden dage; daarom zegende de HEERE den sabbatdag, en
heiligde denzelven.”(Exodus 20:8-11).
Er was geen twijfel over het feit of Israël de sabbat op de
zevende dag van de week moest houden.
Zij moesten “die heiligen”, apart
houden voor het doel waarvoor God hem had gemaakt, en “geen werk doen”
op die dag. I
n feite ging de sabbat heel ver in het leven van Israël in dat
opzicht. Let op de instructies:
“Toen
deed Mozes de ganse vergadering der kinderen Israels verzamelen, en zeide tot
hen: Dit zijn de woorden, die de HEERE geboden heeft, dat men ze doe. Zes
dagen zal men het werk doen; maar op den zevenden dag zal ulieden heiligheid
zijn, een sabbat der rust den HEERE;
AL WIE DAAROP
WERK DOET, ZAL GEDOOD WORDEN”. (Exodus 35:1,2)
Het is dus duidelijk dat dit een serieuze zaak is!
Het is
niet zomaar “een dag vrij nemen” één keer in de week. Zij moesten die dag rusten
en denken aan de reden daarvoor of de consequenties van de straf dragen.
Niet iets om te lachen ( Numeri 15:32-36).
Exodus 35:3 gaat verder en zegt:
“Gij
zult geen vuur aansteken in enige uwer woningen op den sabbatdag.”
Met andere woorden, als je de sabbat houdt kun je geen
maaltijd koken voor je gezin op die dag! “Geen werk doen” hield in geen
maaltijden koken. Geen kleine opdracht! Eigenlijk is er zo ook een verschil tussen wat de Bijbel
echt zegt over deze dingen en wat velen van ons doen krachtens onze traditie. De reden waarom de sabbat zo belangrijk is voor het volk
Israël wordt duidelijk uitgelegd in Exodus 31:12-17
“Verder sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
Gij
nu, spreek tot de kinderen Israels, zeggende: Gij zult evenwel mijn sabbatten
onderhouden; WANT DIT IS EEN TEKEN TUSSEN MIJ EN TUSSEN ULIEDEN, BIJ UW
GESLACHTEN; opdat men wete, dat Ik de HEERE ben, Die u heilige.
Onderhoudt dan den sabbat, dewijl hij ulieden heilig is! Wie hem ontheiligt,
zal zekerlijk gedood worden; want een ieder, die op denzelven enig werk doet,
die ziel zal uitgeroeid worden uit het midden harer volken.
Zes
dagen zal men het werk doen; doch op den zevenden dag is den sabbat der rust,
een heiligheid des HEEREN! Wie op den sabbatdag arbeid doet, zal zekerlijk
gedood worden.
Dat
dan de kinderen Israels den sabbat houden, den sabbat onderhoudende in hun
geslachten, tot een eeuwig verbond. HIJ
ZAL TUSSEN MIJ EN TUSSEN DE KINDEREN ISRAËLS EEN TEKEN IN EEUWIGHEID ZIJN;
dewijl de HEERE, in zes dagen, den hemel en de aarde gemaakt, en op den
zevenden dag gerust en Zich verkwikt heeft.”
De belofte van God is dus dat de sabbat voor altijd -
in
eeuwigheid- een teken zal zijn van de bijzondere relatie tussen de
HEERE en het volk Israël. En niet alleen in de wet maar ook in de profeten doet God
deze gelofte aan het volk Israël.
Sprekend tot het begunstigde volk zegt de HEERE:
“Ik
ben de HEERE, uw God, wandelt in Mijn inzettingen, en onderhoudt Mijn rechten,
en doet dezelve.
En
heiligt Mijn sabbatten, en zij zullen tot een teken zijn tussen Mij en tussen
ulieden, opdat gij weet, dat Ik, de HEERE, uw God ben.” (Ezechiel 20:19,20 STV)
Hetzelfde vinden we in de Psalmen. Bijvoorbeeld in Psalm
92. Deze Psalm is getiteld:
“Een lied op den sabbatdag”.
Dus alle drie de
onderdelen van de Joodse Bijbel – de wet,
deprofetenen de psalmen
(Lukas 24:45) – hebben hetzelfde getuigenis van Gods belofte voor de sabbat –
“Het is een teken tussen Mij en de kinderen Israëls voor eeuwig”.
Daarom wordt ons gezegd, als we bij de bediening van de
apostel Paulus komen, dat het houden van de sabbat niet meer aan de orde is. God
heeft Zijn programma gewijzigd.
Wij bevinden ons nu in de Bedeling van Genade en het volk
Israël is tijdelijk opzij gezet met de bedoeling dat God het lichaam van
Christus zou vormen. ( Romeinen 11:11-15; Efeze 2:11-16; Galaten 3:28)
Dat dit een bedelingskwestie is is niet zo vreemd voor
iedereen die bekend is met de geschiedenis van het houden van de sabbat in de
Bijbel.
Nehemia 9 verhaalt dat God Israël uit Egypte leidde:
“En
Gij zijt neergedaald op den berg Sinai, en hebt met hen gesproken uit den
hemel; en Gij hebt hun gegeven rechtmatige rechten, en getrouwe wetten, goede
inzettingen en geboden.
EN GIJ HEBT UW HEILIGEN SABBAT BEKEND GEMAAKT;
en Gij hebt hun geboden, en inzettingen en een wet bevolen, door de hand
van Uw knecht Mozes.” (Nehemia
9:13,14 STV)
Let op dat God het volk Israël de leer van de sabbat gaf
toen Hij hen de wet gaf door Mozes. Daarvoor hield niemand nooit de sabbat.
Waarom? Dat brengt
ons bij:
DE BETEKENIS
VAN DE SABBAT
In Exodus 20:11 is het duidelijk dat het vierde gebod rust
op het feit dat: “in zes dagen de HEERE de hemel en de aarde gemaakt
heeft…en dat Hij rustte op de zevende dag”.
De sabbat heeft zijn grondslag in Genesis 2:1-3, waar wordt
gezegd:
1
Alzo ZIJN VOLBRACHT DE HEMEL EN DE AARDE, en al hun heir.
2 Als nu God op den
zevenden dag volbracht had Zijn werk, dat Hij gemaakt had,
HEEFT HIJ GERUST OP DEN ZEVENDEN DAG van al Zijn werk, dat Hij gemaakt had. 3 EN GOD HEEFT DEN ZEVENDEN
DAG GEZEGEND, EN DIEN GEHEILIGD; OMDAT HIJ OP DENZELVEN GERUST HEEFT VAN En God heeft den zevenden dag gezegend,
en dien geheiligd; omdat Hij op denzelven gerust heeft van al Zijn werk,
hetwelk God geschapen had, om te volmaken.”
De rustdag van de sabbat symboliseert God’s “rust”
toen Hij Zijn scheppingswerk “volbracht”. Betekent dit dat God moest
“bijkomen” en gaan zitten omdat Hij zo moe was? Nee, deze “rust” is meer de rust van een kunstenaar of
beeldhouwer die zijn meesterwerk afmaakt en dan achterover gaat zitten, het is
klaar, hij is blij met zijn werk en roept uit:
“Het isklaar!”
Gods “rust” is de blijdschap van een volbracht en volmaakt werk.
Het leerstellige belang van dit alles wordt goed
uiteengezet in Psalm 132. Deze Psalm ziet vooruit naar de toekomst, naar het
uiteindelijke doel van God in de schepping.
Uitkijkend naar de regering in het koninkrijk over de aarde
van Jezus Christus als vervulling van het verbond met David horen we het gebed:
“STA
OP, HEERE! TOT UW RUST, Gij en de ark Uwer sterkte!
Want
de HEERE heeft Sion verkoren, Hij heeft het begeerd tot Zijn woonplaats,
zeggende: DIT IS MIJN RUST TOT IN EEUWIGHEID, HIER
ZAL IK WONEN, want Ik heb ze
begeerd.” (Psalm 132:8,13,14)
Let op dat God’s ”rust” wordt geïdentificeerd met de
voltooiing van Zijn doel in de schepping, dat Hij een plaats zal maken waar Hij
“zal wonen”.
Jesaja 40:22 zegt dat Hij de hemel en de aarde heeft
geschapen “als een tent om te
bewonen” en Openbaring 21:3 laat zien dat
Hij inderdaad uiteindelijk “bij hen zal wonen”.
Dat deed God toen Hij rustte op de zevende dag. Hij
verblijdde Zich en dacht aan alles wat Hij deed in de schepping en dat Hij nu
kon zeggen: “Mijn woonplaats is klaar!”
God “zegende” en “heiligde” deze zevende dag
en zo werd het de sabbat voor de mens. "Zegende" betekent: er goed van spreken.
"Heiligen" is apart
zetten voor het doel waarvoor het was geschapen.
Met andere woorden, God gaf de
mens een mogelijkheid om Zijn rust binnen te gaan, om dezelfde waardering te
hebben die Hij had voor Zijn plan en aanwezigheid in de schepping, en zo in te
gaan in de vreugde van Zijn doel en persoon.
Maar de eerste mens ging de rust van God niet in. Hij
schond Gods vertrouwen en werd een vriend van satan, de vijand van God.
Zo kwam
hij, en de hele mensheid met hem, terecht in wat het tegenovergestelde is van de
sabbat des Heren, het werken en zwoegen, de schuld en de onrust van de zonde.
Maar God had een plan om niet alleen de mens maar ook de
hele schepping te verlossen en te herstellen.
Zijn doel voor de aarde
richtte zich op het herstellen van Zijn leiderschap over de aarde door het
instrument van een koninkrijk dat Hij uiteindelijk zou vestigen in het volk
Israël.
Toen Hij het volk Israël formeerde maakte Hij Zijn doel
voor hen bekend:
“En gij zult Mijeen priesterlijk koninkrijk, en een
heilig volk zijn”. (Exodus 19:6; Jesaja 60:1-3; 61:4-6)
Hier gaat het om in het vierde gebod:
“Gedenkt den
sabbatdag, dat gij dien heiligt”.
Dit is geen gebod om zomaar een dag vrij
te nemen!
Zij moesten één dag per week nemen en zichherinneren wat
God’s doel met de schepping is en Israël’s rol in het tot stand brengen daarvan.
Als wij God’s doel met de sabbat begrijpen, dat het Zijn
doel voor deze aarde omvat, dan kunnen we ook begrijpen dat het behoort bij het
volk Israël, God’s middel om dat doel op aarde tot stand te brengen, en waarom
het niet geopenbaard was voordat dat speciale volk was geformeerd.
Dit geeft ons ook “de volle verzekerdheid des verstands”
waarom de sabbat niet nodig maar ook
niet bestemd is voor het
lichaam van Christus, Gods middel om Zijn doel voor de hemelse
gewesten tot stand te brengen.
God heeft in deze tijd het volk Israël opzij
gezet zodat Hij het lichaam van Christus kan vormen als Zijn vertegenwoordigers
om de overheden in de hemelse gewesten met Zichzelf te verzoenen.
Als leden van het lichaam van Christus, een hemels
volk, gezegend met alle geestelijkezegeningen, bedoeld om God’s
hemelse plan uit te voeren, is de sabbatdag niet van belang voor ons. Wij
moeten de dingen bedenken die boven zijn
(Kolossenzen 3:2).
Wij hebben
geen sabbat nodig om ons er aan te herinneren wie wij zijn in Christus.
Wij
hoeven alleen maar te rusten in wie God ons heeft gemaakt in Zijn Zoon,
zoals geopenbaard in Paulus’ brieven.