|
Wat is dienen in de geest?
Jan
Stelma
Rom.1:9
Want God is mijn Getuige,
Welken ik diene in mijn geest, in het
Evangelie Zijns Zoons, hoe ik zonder nalaten uwer gedenke;
Hoe
dienen wij God? Dat is voor velen een vraag. Paulus zegt hier duidelijk
dat wij dat in onze geest doen. Voordat wij gelovig werden hadden wij
alleen onze eigen geest, welke dood was. We hadden geen contact met God
en waren dood in onze zonden. Het leven van God zat er niet in en we
konden alleen doen wat onze zondige natuur wilde, maar voor God was
alles wat wij deden met onze geest voor Hem dood, ook al wilden wij God
nog zo goed dienen met onze goede werken. De werken waren dood omdat ze
voortkwamen uit een dode geest omdat die persoon niet gered was, maar
dood in zijn zonden.
1 En u
heeft Hij mede levend gemaakt, daar gij dood waart door de misdaden en
de zonden;
2 In
welke gij eertijds gewandeld hebt, naar de eeuw dezer wereld, naar den
overste van de macht der
lucht,
van den geest, die nu werkt in de kinderen der ongehoorzaamheid;
3
Onder dewelke ook wij allen eertijds verkeerd hebben in de
begeerlijkheden onzes vleses, doende den wil
des vleses en der gedachten; en wij waren van
nature kinderen des toorns, gelijk ook de anderen; Efeze
2:1-3
Rom.
8:16
Dezelve
Geest getuigt met onzen geest, dat wij kinderen Gods zijn.
Maar
sinds wij geloven is Zijn Geest in ons komen wonen en hebben wij nu twee
geesten in ons. De een is van onszelf en de ander is de Heilige Geest
van God. Vanaf dat moment hebben wij nu wel
contact met God. Nu hebben wij Zijn leven en Zijn licht in ons en nu
gaan wij wel Gods Woord begrijpen, wat hiervoor niet zo was. Zie 1
Kor.2:12-14. God heeft nu een rechtstreekse verbinding
gemaakt tussen Hem en ons. Dus wij hebben geen tussenpersoon nodig die
ons gaat vertellen hoe de Bijbel in elkaar zit. Er bestaan geen leken en
geestelijken in het Lichaam van Christus, i.t.t. wat de RK Kerk leert
Joh.6:63
De
Geest is het, Die levend maakt; het vlees is niet nut. De woorden, die
Ik tot u spreek, zijn geest en zijn leven.
De
woorden die Christus toen sprak zijn geest en leven. En ze zijn
opgeschreven in de Bijbel. Maar of ze nu opgeschreven zijn of met de
mond gesproken: er is geen verschil, ze zijn en blijven
geestelijke en
levende woorden. En zo begrijpen wij dat de woorden uit
de Bijbel geestelijk zijn en als wij die lezen door de Heilige Geest in
ons met onze geest in contact gebracht worden. Dus God communiceert nu
met ons door de Heilige Geest in ons met onze geest via Zijn Woord.
Rom.7:23-26
leert dat wij het zondige lichaam niet de baas kunnen.
23
Maar ik zie een andere wet in mijn leden, welke strijdt tegen de wet
mijns gemoeds, en mij gevangen neemt onder de wet der zonde, die in
mijn leden is.
24 Ik ellendig mens, wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?
Alleen
door de Geest kan dat nu wel. Denk aan het feit dat de woorden uit de
Bijbel geestelijk zijn en dat de Geest via dat Woord in ons werkt.
Zonder het Woord gaan wij geestelijk dood ( dus niet dood in de zin dat
wij verloren zouden gaan). Met het woord wordt de Geest actief en
krachtig in ons Dus zó kunnen wij ons lichaam in bedwang houden:
13 Want
indien gij naar het vlees leeft, zo zult gij sterven; maar indien gij
door den Geest de werkingen des lichaams doodt, zo zult gij leven.
14 Want
zovelen als er door den Geest Gods geleid worden, die zijn kinderen
Gods.
15 Want gij hebt niet ontvangen den Geest der
dienstbaarheid wederom tot vreze; maar gij hebt ontvangen den Geest der
aanneming tot kinderen, door Welken wij roepen: Abba, Vader!
Rom.8:13-15
Door
geloof hebben wij de Heilige Geest ontvangen en worden door Hem geleid ,
zie vers 14. Hij woont in ons en wij zijn Zijn tempel. En zo dienen wij
God nu in de Geest. Zoals men vroeger naar de tempel moest gaan om daar
God te dienen, zo zijn wij nu zelf het huis van Hem en dienen wij Hem
dag en nacht waar wij ook gaan en staan.
Onder
de wet was dat zeker
niét
zo. Toen hadden de gelovigen op een aantal uitzonderingen na, helemaal
de Heilige Geest niet en toch dienden ze God
Hoe diende men in het Oude Testament?
Rom.9:4
leert
dat alleen Israel de dienst van God had.
4
Welke Israelieten zijn, welker is de aanneming tot kinderen, en de
heerlijkheid, en de verbonden, en de wetgeving, en de dienst van
God, en de beloftenissen;
Numeri
3: 3-8
-
Het
zijn de priesters die zowel God als het volk dienden.
Deut.
13:4
-
Van het
volk echter wordt ook geëist dat ze God zullen dienen door Zijn
geboden te houden en Hem lief te hebben en Hem te vrezen :
4 Den
HEERE, uw God, zult gij navolgen, en Hem vrezen, en Zijn geboden
zult gij houden, en Zijn stem gehoorzaam zijn, en Hem dienen, en
Hem aanhangen
Deut.18:5,7
-
Echter
uit het hele volk is het alléén de stam Levi die de
dienst van God in Zijn Naam in de tabernakel/tempel mag uitvoeren
Jozua
22:5
-
Het volk echter was ook verplicht te doen wat God zei in de wet. Zo
moesten zij Hem dienen. Wandelen in Zijn wegen en Zijn geboden houden.
5
Alleenlijk neemt naarstiglijk waar te doen het gebod en de wet, die u
Mozes, de knecht des HEEREN, geboden heeft, dat gij den HEERE, uw God,
liefhebt, en dat gij wandelt in al
Zijn wegen, en Zijn geboden houdt, en Hem aanhangt, en dat gij Hem
dient met uw ganse
hart en met uw ganse
ziel
Jozua
22:27
-
De
geboden onderhouden waren o.a. de offers in de tempel brengen die
noodzakelijk waren. De tempelneemt een cruciale rol in in het
godsdienstige leven van de Israeliet. Met die offers dienden zij Hem en
dát was de
dienst des HEEREN
. Als ze dat niet deden, dan hadden ze geen deel aan de HEERE!
27 Maar dat het een getuige zij tussen ons en
tussen ulieden, en tussen onze geslachten na ons, opdat wij den
dienst
des HEEREN voor Zijn aangezicht
dienen
mochten met
onze
brandofferen, en met onze
slachtofferen, en met
onze
dankofferen; en dat uw kinderen tot onze kinderen
morgen niet zeggen: Gijlieden hebt geen deel aan den HEERE.
Dit is
het dienen van de HEERE. Dat is de dienst van God
voor Israel. En zó dienen de Israëlieten God door
de voorgeschreven offers te brengen volgens de wet en de geboden te
gehoorzamen.
Dat was een dienst met handen en voeten zónder de Heilige
Geest !!!!!!
Kan dat?
Ja, dat
was toén mogelijk. Nu zeer
zeker niet!
Lev.18:5
Ja, Mijn
inzettingen en Mijn rechten zult gij houden; welk mens dezelve zal
doen, die zal door dezelve leven; Ik ben de HEERE!
Doe de
geboden en doe altijd de offers voor de vergeving
en je bent onberispelijk en je zal eeuwig leven hebben. Vergelijk
Paulus in Filipp.3:6 met Zacharias en Elizabet (Lukas
1:6). Ze worden onberispelijk genoemd en zonder
dat ze de Heilige Geest hadden.
Paulus
echter deed de wet en bracht de offers en vond dat hij rechtvaardig was
voor Gods ogen.
De
anderen vonden dat niet van zichzelf, zij geloofden dat zij het
niét zelf konden en brachten daarom de offers met een gebroken
hart in het besef dat zij schuldig tegenover God stonden. Dat is het
verschil. Zie wat de Farizeeër van zichzelf dacht en de tollenaar. De
een ging gerechtvaardigd naar huis en de ander niet. Luk.18:10-14.
En dat is precies wat Paulus hierover zegt in Romeinen 9 :
30-33
Dus
onder het O.T. konden ze wél dienen zónder de Geest te
hebben en waren ze gered door gehoorzaamheid aan de wet en de
voorgeschreven offers te doen voor de overtredingen die ze natuurlijk
wel begingen. En als wij erover nadenken kan iedereen inderdaad de
inzettingen doen, zoals 3 maal per jaar naar de tempel voor de feesten.
De offers brengen enz. Het waren geen te zware geboden die ze niet
konden volbrengen (1 Joh.5:3). Daar had je de Geest op zich niet voor
nodig.
Want
het was een dienen mét handen en voeten
in het geloof!.
Echter
zonder dat ze alles begrepen!
1Pet.1:10-11
:
Van welke zaligheid ondervraagd en onderzocht
hebben de profeten, die geprofeteerd hebben van de genade, aan u
geschied;
11 Onderzoekende, op welken of hoedanigen tijd de
Geest van Christus,
Die in hen was,
beduidde en te voren getuigde, het lijden, dat op
Christus komen zou, en de heerlijkheid daarna volgende.
De
profeten begrepen niet wat ze opschreven. Ze wisten niet dat ze over de
Here Jezus schreven zoals wij Hem nu kennen. Over de kruisiging
bijvoorbeeld en dat Hij lichamelijk zou opstaan. Dat Hij zou zeggen
“Mijn God, mijn God , waarom hebt Gij mij verlaten” wat reeds in
Psalm 22 vermeld staat.
Dat is
allemaal pas later duidelijk geworden. Oók de 12 apostelen toen Christus
er was , begrepen veel dingen nog niet, hoewel het dus wel geprofeteerd
was (Luk.18:34).
Maar
hoe kan dat ook anders dat zij het wel zouden begrijpen?! De profeten
die gedreven werden door de Geest die in hen was, die zelf begrepen het
niet, dus hoe konden zij die de Geest (nog) niet hadden dat dan wel
begrijpen!
Jer.31:33
Maar dit is het verbond, dat Ik na die dagen
met het huis van Israel maken zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in
hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun
tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn.
Echter
met Pinksteren ontvangt men de Heilige Geest en volgens Jer.31:33
schrijft God met Zijn Geest nu de wet in hun hart, waardoor men nu
wél de wet zal kunnen houden en dus niet meer voor hun zonden
hoeven te offeren en ze begrijpen nu wél wat o.a. de
offerdienst voorafschaduwde en dat dierenbloed geen zonden weg kan
nemen. Dat begrepen ze zonder de Geest toen niet. Daarom legt de
Hebreeën Brief dit later allemaal aan hun uit. (Bijv. Heb.10:4). Dan
hebben ze de Geest en begrijpen ze waar het over gaat.
Luk.
24:44-46 :
44 En Hij zeide tot hen: Dit zijn de woorden, die
Ik tot u sprak, als Ik nog met u was, namelijk dat het alles moest
vervuld worden, wat van Mij geschreven is in de Wet van Mozes, en de
Profeten, en Psalmen.
45 Toen opende Hij hun verstand, opdat zij de Schriften verstonden.
46 En zeide tot hen: Alzo is er geschreven, en
alzo moest de Christus lijden, en van de doden opstaan ten derden dage
Hierzien we dan ook dat de 12 het nu begrijpen doordat Christus
ná Zijn opstanding hun verstand opende doordat ze de
Heilige Geest ontvingen. (Joh. 20:22).
Nu is
dienen zonder de Geest ná
Pinksteren onmogelijk geworden voor Israel en zonder de Geest zijn ze nu
ook niet gered, want dat betekent dat ze zich niet hebben bekeerd na de
oproep van Petrus in Han. 2:38. Een ieder die Jezus als de
Messias accepteerde en zich bekeerde werd dan gedoopt tot vergeving van
zonden en Hij ontving dan de Heilige Geest. Vanaf Pinksteren is iedereen
in Israel zonder de Heilige Geest een ongelovige.
Maar
met de Geest na Pinksteren blijft het voor de gelovige Jood uit de
kleine kudde de dienst van God een dienen ook met
handen en voeten in de tempel, want de tempeldienst zal na de Bedeling
der Genade waarin wij leven, weer hervat worden. Eerst door de
antichrist tijdens de Grote Verdrukking om Israel te verleiden om voor
hen te kiezen.
Maar
daarna in het 1000 jarige Koninkrijk zal er ook weer een tempel
verschijnen in Jeruzalem, waar Christus zal zitten. Dan zal de
tempeldienst er ook weer zijn met de offers,
maar dan
wél met het besef wat het
werkelijk leert over het verlossingswerk van Christus!!
En dat
gaat Israel dan leren aan de heidenen, zodat ook zij de Messias zullen
aannemen.
Dus wat is het werk van de Geest nu
tijdens deze Bedeling der Genade?
Zo is
ook nu een ieder alléén gered als de Geest in hem woont (Rom.8:9), en
ook dan alleen in staat Hem te dienen. Echter zonder de tempel met de
offers en de wet, want wij zijn nu Gods tempel en daar is dan ook onze
dienst:
Ik bid u dan, broeders, door de ontfermingen Gods,
dat gij uw lichamen stelt tot een levende, heilige en Gode
welbehagelijke
offerande,
welke is uw redelijke godsdienst.
Rom.12:1
I.t.t
Israel, zoals in Jozua 22:27 waar alleen dode dieren
geofferd werden, is onze dienst nu dat wij onszelf aan Hem offeren! Niet
letterlijk dat wij onszelf doden, maar een levend offer zoals
Paulus zegt. Dat zijn wij zelf die ons leven en ons lichaam in dienst
van de Here stellen. Paulus noemt dat de redelijke
godsdienst.
God wil
onze rede hebben. Ons verstand. Van nature is dat verduisterd door de
afwezigheid van de Heilige Geest (Rom.1:21; Ef.4:18). Geestelijk
verduisterd dus. Verstand des vleses, verstand in de boze werken (Kol.
1:21; 2:18). En dat moet een geestelijk verstand worden en die rede, dat
verstand , dat wil God hebben en zó wil Hij dat wij Hem nu dienen.
Kol 1:9
Waarom ook wij, van dien dag af dat wij het
gehoord hebben, niet ophouden voor u te bidden en te begeren, dat gij
moogt vervuld worden met de kennis van Zijn wil, in alle wijsheid en
geestelijk verstand;
Vervuld
met Gods Woord, met in de eerste plaats de brieven van Paulus, geeft ons
een geestelijk verstand. Dat betekent dat de Geest daar in ons verstand
aan het werk is en licht geeft in de geestelijke duisternis van onze
rede (Efeze 1:17-18).
En met
ons hart geloven wij het en ons lichaam krijgt de opdracht het uit te
voeren. Dus de Geest getuigt in onze Geest en Die leert wat wij moeten
doen. Het is nu niet door vaste regels die je zonder de Geest in
gehoorzaamheid moest en kon uitvoeren. Gewoon gehoorzamen en uitvoeren
met handen en voeten. Nee, het is nu de zaligmakende Genade die ons
leert en wij moeten nu nadenken en lezen in Zijn Woord en de beslissing
maken hoe te handelen. Echter er zijn geen rituelen en ceremoniën die
wij moeten doen, omdat dat schaduwen waren van wat komen zou, en dat is
voor ons nu niet aan de orde, want wij leven nu in een rechtstreeks
begrijpen van wat Christus voor ons gedaan heeft. Dus geen symbolieken
meer, maar de werkelijkheid zoals het is.
Kol.
2: 16
Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of
in het stuk des feest dags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;
17 Welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het
lichaam is van Christus.
Paulus
spreekt rechtstreeks tot ons en wij kunnen het letterlijk geloven en ook
begrijpen, echter doordat de Heilige Geest in ons is. Maar het is
allemaal geestelijk, en onzichtbaar.
2
Kor.5:7
Want wij wandelen door geloof en niet door
aanschouwen.
Het
Evangelie zoals dat aan Paulus is geopenbaard, dat gehoorzamende, dat is
nu hoe wij God dienen.
Rom.1:9
Want God is mijn Getuige,
Welken ik diene
in mijn geest, in het
Evangelie Zijns Zoons, hoe ik
zonder nalaten uwer gedenke
En zo
zijn wij gekomen waar onze studie mee begon, namelijk het dienen in
de geest. Het is alles geestelijk wat wij gehoorzamen en uitvoeren
en natuurlijk voeren wij dit wel uit in ons lichaam. Wel praktijk dus.
Hier volgt een overzicht wat de Geest reeds gedaan heeft als iemand
gelovig is geworden:
|
1 Kor.12:13
|
-
De Geest doopt = geestelijke handeling zonder handen |
|
Efeze1 : 13 |
-
De
Geest verzegelt = geestelijke handeling zonder handen |
|
Koloss. 2:11
|
-
De
Geest besnijdt = geestelijke handeling zonder handen |
Dat is
allemaal geestelijk op dat moment gebeurd.
Voor
ons dagelijkse leven hebben wij Hem echter elke dag nog
steeds nodig om de Here te kunnen dienen:
|
Ef.1:18
|
-
De Geest verlicht ons |
|
1 Kor.2:13
|
-
De
Geest leert ons |
|
Gal.5:18
|
-
De
Geest leidt ons door Zijn Woord |
|
Rom. 8:26-27 |
-
De Geest komt te hulp bij ons bidden |
|
Rom. 8: 16 |
-
De Heilige Geest gaat ons overtuigen. |
|
2 Kor.3:17,18 |
-
Gods Geest gaat ons veranderen c.q. vernieuwen |
|
Ef. 3 :16 |
-
De
Geest bekrachtigt ons innerlijk in onze zwakheid en verandert
niet onze omstandigheid |
Dus
daarom:
“Wandelt
door den Geest en volbrengt de begeerlijkheden des vleses niet.”
Voor Hem zij de Glorie!
www.GenadeBijbel.nl
Deze studie is eventueel ook te lezen en/of
uit te printen in

Als u deze studie niet kunt openen, dan kunt u hier
gratis
Adobe Acrobat Reader downloaden.
|